Een beleefde middelvinger naar alle rekenmeesters

De Zwitsers scoorden afgelopen week op het EK twee keer uit een hoge voorzet tegen Frankrijk. De Fransen schrokken zich een hoedje, want de hoge voorzet schijnt in het moderne voetbal niet meer te mogen.

Johann Mast.

Johann Mast. FOTO ANNET EVELEENS

Je moet tegenwoordig vanaf de achterlijn de bal laag richting de rand van het zestienmetergebied plaatsen. Dat hebben de voetbalprofessoren bedacht. De hoge voorzet gevolgd door een kopbal is zó 1974, zó gedateerd.

Op dezelfde dag verraste Mathieu van der Poel vriend en vijand met een verbluffende tijdrit in de Tour de France. Hij had – oh jee! – nog nooit in een windtunnel gezeten, maar bleef toch keurig in het spoor van de specialisten.

Ik houd hiervan. En steek beleefd mijn middelvinger op naar alle data analisten en rekenmeesters uit de sportwereld. Al dat getheoretiseer is de dood in de pot. Ik wil geen geschuif op mijn beeldscherm, ik wil spektakel en amusement. Iets onverwachts. Zoals van die Zwitsers, zoals van Mathieu.

In de jaren zeventig beheerste het Nederlands elftal het positiespel tot in de perfectie. Er werd als het ware net zolang gebreid totdat er niets anders opzat dan de bal maar achter te laten in het doelnet, dat hing daar immers toch. Maar hoe kwam het enige Nederlandse doelpunt in de WK-finale van 1978 tot stand? Uit een voorzet met een pisboog, gevolgd door een harde kopstoot van een Groningse houwdegen.

Al dat getheoretiseer is de dood in de pot

Doe mij maar zo’n onderhandse opslag van die tennisser Chang, op Roland Garros. Nooit vergeet ik het beteuterde gezicht van zijn tegenstander Ivan Lendl, die over-geprepareerde Tsjech die nooit iets aan het toeval overliet.

Ik wou dat Dwight Lodeweges de lessen die hij ooit van Dick Schneider leerde had doorgegeven aan Frank de Boer. Als jonge prof bij Go Ahead Eagles vroeg Lodeweges of zijn ervaren ploeggenoot nog tips had.

Die had Schneider wel. ,,Wijs na een tegengoal altijd naar een medespeler. Dan denkt het publiek dat het niet jouw schuld was.’’ En: ,,Ren na een tegentreffer altijd zo hard mogelijk bij de goal vandaan. Anders sta je de volgende dag op de foto in de krant.’’

Met andere woorden: maak het allemaal niet te ingewikkeld. Ik denk dat Frank de Boer nu nog bondscoach was geweest als hij de boel iets meer aan het toeval had overgelaten.

johann.mast@lc.nl

Je kunt deze onderwerpen volgen
Sport
Column