IJsvloer in Thialf wordt beter, maar Kramer twijfelt nog

IJsvloer in Thialf wordt beter, maar icoon Kramer twijfelt nog ANP

Het gaat volgens schaatscoach Jac Orie de goede kant op met de kwaliteit van de bekritiseerde ijsvloer in Thialf. Hij krijgt tijdens een digitale persbijeenkomst van zijn ploeg Jumbo-Visma, in de aanloop naar het driedaagse WK-kwalificatietoernooi in Heerenveen (26-28 december), bijval van onder anderen zijn blikvangers Patrick Roest en Thomas Krol. Uitgerekend boegbeeld Sven Kramer twijfelt echter nog aan de hele gang van zaken in de Friese schaatstempel.

„Het ijs wordt langzamer beter, maar ik vind het nog steeds niet constant genoeg”, betoogt de viervoudig olympisch kampioen. „Dat zag je in het afgelopen trainingsweekeinde nog. Op een aantal afstanden werd er gewoon hard gereden, maar de vrouwen schaatsten op de 3000 meter echt niet op goed ijs, en de mannen op de 5000 meter evenmin. Het is nu bij vlagen beter, maar het zou mooi zijn als de kwaliteit altijd stabiel is.”

Door het vertrek eerder dit jaar van de gewaardeerde ijsmeester Beert Boomsma en een ingrijpende saneringsoperatie in het noodlijdende Thialf, staat de kwaliteit van de Friese ijspiste al maandenlang ter discussie. Met name Kramer liet van zich horen in de slepende kwestie en is ook nu nog niet overtuigd van de gesignaleerde verbeteringen.

Te laat

„Iedereen doet z’n best en sporadisch is er ook wel een beetje feedback, maar ik vind het allemaal rijkelijk laat. Sinds het zomerijs in juli hebben wij ons ongenoegen al geuit. De verhalen dat we elkaar tijd moeten gunnen of dat er geen bezetting is, daar kan ik niks mee. Ja, jongens, ik weet het niet hoor, maar ik word hierop afgerekend. Over een dik jaar hebben we de Olympische Spelen. We hebben geen tijd om aan elkaar te wennen. Er staat een ijsbaan van ruim 80 miljoen euro, er moeten gewoon goede mensen hier aan het werk zijn.”

Kramer: „Ik ben er om hard te schaatsen en de Thialf-organisatie moet zorgen voor een goede baan. Daar wordt meer dan genoeg voor betaald, dus daar mogen we een bepaalde kwaliteitseis aan verbinden. Als iets niet goed is, moet je je kunnen uiten. Het meest frustrerende voor sporters is dat je het gevoel hebt dat je daarin niet serieus wordt genomen. Wij zijn al snel de lastige schaatsers, maar ik ga ervoor staan, omdat ik vind dat de sport tekort wordt gedaan. Ik ben niet zo van al die praatsessies, zeker niet in deze fase van het seizoen. Ik ben er ook niet verantwoordelijk voor, ik wil gewoon dat er een goede vloer ligt. Daarom spreek ik mij uit.”

Volgens Kramer verloopt de communicatie op andere ijsbanen, zoals bijvoorbeeld in Leeuwarden, met de directie en ijsmeesters soepeler. „Die zijn een stuk vriendelijker, om het zomaar te zeggen. Daar hangt ook een fijnere sfeer. Daar heerst respect en begrip voor elkaar. Thialf is kil. De directie zit boven achter een raampje en komt amper naar beneden. Maar als je iets wilt oplossen, moet je met je poten in de drek gaan staan.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Sport