Van Rijn tot onrein

Slachtafval, vergane groentes, rotte vis, en vooral ook de uitwerpselen van mens en dier: de Amsterdammers hadden in de Gouden Eeuw, op een enkele beerput na, geen andere bestemming voor het vuil dan hun grachten.

Anne-Goaitske Breteler.

Anne-Goaitske Breteler. FOTO LC

Vooral ’s zomers, als de temperatuur steeg en het water begon te broeien, verspreidde zich een ondraaglijke stank over de stad. De gelukkige rijken zochten snel hun buitenverblijven op, maar de rest was veroordeeld tot een geur die wij ons nu niet meer kunnen voorstellen.