Te gast: Tresoar fungeert als culturele hotspot

Enkele weken geleden stond er in de NRC een artikel over de revival van de bibliotheken. Eric Klinenberg, directeur van het Institute for Public Knowledge aan New York University, zegt: ‘Dertig jaar geleden zou niemand hebben voorspeld dat van alle publieke instellingen de bibliotheek zich het beste zou weten aan te passen aan de behoefte van de burgers van vandaag. Maar dat is precies wat er gebeurd is’.

Ook in Nederland en Fryslân is een geheel nieuwe generatie van bibliotheken ontstaan die zich ontwikkelen tot bruisende maatschappelijke en culturele centra: Amsterdam, Arnhem, het Groninger Forum, onze eigen Leeuwarder dBieb en… Tresoar. Wie op een willekeurige dag onze gebouwen betreedt, treft er een levendige gemeenschap aan van bezoekers en gebruikers. Studenten uit vele landen bevolken alle hoeken en gaten van het gebouw, toeristen lopen naar de expo-ruimte of naar OBE, geïnteresseerden bezoeken lunchlezingen, schaaktoernooien, joelende kinderen voor de jeugduniversiteit, examenkandidaten van de Open Universiteit, krantenlezers, koffiedrinkers en mensen die zich geen dure laptops en abonnementen kunnen veroorloven.

Kortom, Tresoar heeft zich in snel tempo ontwikkeld tot een culturele en sociale hotspot in Leeuwarden en Fryslân. De bezoekersaantallen zijn verdubbeld naar 120.000 en met de openingstijden tot diep in de avond spelen we een belangrijke rol in het creëren van een levende, veilige en creatieve stad.

Dat is een andere wereld en een andere visie op de rol van Tresoar dan die van Pieter Nieuwland in zijn Te Gast van afgelopen vrijdag, die een kleine groep fysieke bezoekers representeert en een exclusief en onevenredig deel opeist van de middelen die Tresoar inzet om een breed en inclusief dienstverleningspakket aan te kunnen bieden. Natuurlijk, het inzage bieden in onze archieven en collecties is en blijft een kerntaak, maar ook met de aangepaste dienstverlening blijft Tresoar in het Nederlandse landschap van regionale historische centra, de royaalste dienstverlener.

De verandering van permanent ‘stukken halen’ naar een tweetal momenten op een dag zal nauwelijks effect hebben op het werk van het overgrote deel van de bezoekers. Ik wil graag benadrukken dat we naast de reguliere ‘haal- en brengtijden’ ook nog maatwerkbegeleiding aanbieden aan onderzoekers die dat vragen en nodig hebben.

In de afgelopen jaren is enerzijds het aantal aanvragen op de studiezaal gehalveerd en zijn anderzijds miljoenen documenten digitaal ontsloten en beschikbaar gesteld. Ik durf daarmee te stellen dat de dienstverlening aan de onderzoekers kwantitatief nog nooit zo intensief is geweest als nu. We maken ook middelen vrij om in de digitale dienstverlening te investeren. Als Pieter Nieuwland en diens achterban een heel klein beetje willen inschikken, maar vooral de ogen willen openen voor de fantastische ontwikkeling die Tresoar doormaakt in het leveren van een bijdrage aan een zelfbewust, inclusief en creatief Fryslân, dan kunnen we iedereen van dienst zijn.

Bert Looper
Directeur Tresoar

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie