Ik ben dat zenuwachtige, hanige, en toch ook lieve tweetje van Peter nooit vergeten

Jantien de Boer.

Jantien de Boer. FOTO NIELS WESTRA

Het was op een maandagochtend in november, kwart voor zes. Ik lag vast te slapen toen ik wakker schrok van mijn telefoon. Chef Arend aan de lijn. ,,Se ha him’’, zei hij.

,,De moordenaar van Marianne?’’, vroeg ik. ,,Ja’’, antwoordde Arend. Peter R. had het nieuws de wereld in geslingerd.

Ik was blij en verdrietig en zenuwachtig en uit het veld geslagen tegelijk. Ik dacht aan de familie Vaatstra, aan de hordes journalisten die nu natuurlijk op jacht gingen, aan de tientallen minuten die ik op alle anderen achterliep en aan Marianne die ineens nog doder en weerlozer leek dan ze al jaren was.

Met pijn in mijn buik belde ik een van de zussen van Marianne. Het zal vijf voor zes zijn geweest. Toen ze opnam zei ik meteen dat ik me schaamde, maar dat ik mijn werk moest doen. Ze begreep het en na afloop van het gesprek had ik mijn verhaal en natte ogen.

Een paar uur later pas sprak ik Peter R. ,,Waarom gooide je het nieuws over de aanhouding in vredesnaam om zes minuten over vijf op Twitter?’’, vroeg ik. Het Openbaar Ministerie had nog niet eens een persconferentie gepland, de buitenwereld wist nog van niets.

,,Ik ben overal doorheen gefietst’’, zei Peter. Zondagavond al hoorde hij het nieuws en hij had echt geprobeerd om het stil te houden, maar in de nachtelijke uren erna lag hij te woelen in bed. Hij dacht aan de afzetlinten bij de boerderij van Jasper S.. Aan de huiszoeking die gaande was en om vijf uur hield hij het niet meer. Hij had zijn ochtendjas aangetrokken, was achter zijn laptop gaan zitten en begon te typen. ‘BREAKING NEWS. 100 PROCENT DNA-MATCH IN MOORDZAAK MARIANNE VAATSTRA’, lazen al zijn volgers.

,,Maar waarom?’’, vroeg ik nog een keer. ,,Nou ik was bang dat jij het ook wist’’, zei Peter R. ,,Ik was bang dat jij het nieuws anders naar buiten zou brengen.’’

Ik dacht echt dat ik het verkeerd verstond.

,,Welnee gekkie’’, wilde ik zeggen. Ik lag op dat moment immers verre van scherp, met een poes op mijn voeten, onder mijn dekbed. Ik was bij lange na niet zo ingevoerd als Peter R.

Maar ik zei niks. Ik was vereerd, humde instemmend en toen Peter brak, en met verstikte stem vertelde over het moment dat hij van de arrestatie hoorde, brak ik een beetje mee.

De afgelopen negen dagen kwam het allemaal weer boven. Ik dacht aan de brief die ik Peter zou sturen als hij weer wakker zou zijn. Een klein briefje waarin ik zou bekennen dat hij de ene tweet wat mij betreft heus ook om half negen had kunnen versturen. Of half tien. Of elf uur.

Misschien waren andere verslaggevers er dan wel met de primeur vandoor gegaan, maar ik hoogstwaarschijnlijk niet. Ik deed weliswaar alsof ik ook gevaarlijk was, maar stiekem stond ik perplex. En ik ben die zenuwachtige, bloed-irritante, breaking-news tweet om tien over vijf nooit vergeten.

Wat een schrik, en wat een onbegrijpelijk maar voor journalisten ook wel weer begrijpelijk en hanig en toch ook lief en opgetogen tweetje was dat.

Dat wou ik hem dus schrijven. En nu wil ik vloeken maar dan worden er weer mensen boos.

jantien.de.boer@lc.nl

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column
Instagram