Naar een nieuw politiek landschap | opinie

‘Intussen zoeken rechtse en linkse liberalen, VVD en D66, steun bij partijen die hen wezensvreemd zijn, om toch maar te kunnen regeren.’ FOTO ANP Foto: Phil Nijhuis Phil Nijhuis

De traditionele ‘bestuurspartijen’ zijn op weg naar hun einde. Laat twee politieke bewegingen die de grote tegenstelling van deze tijd - markt versus samenleving - vertegenwoordigen nu de balans bepalen.

Zo’n dertig jaar geleden was Nederland nog een politiek driestromenland. De christendemocraten van het CDA, de sociaaldemocraten van de PvdA en de rechtsliberalen van de VVD wisten samen ongeveer 85 procent van de kiezers achter zich te scharen.

Bij de laatste Kamerverkiezingen was het gezamenlijke percentage van deze ‘bestuurspartijen’ geslonken tot 37. Hun vaste aanhang was intussen goeddeels uitgestorven of op drift geraakt, de partijpolitieke versplintering zette onverkort door en aan de flanken verscheen een bont palet van luidruchtige populisten. Hun gemeenschappelijk kenmerk is dat ze het allemaal beter weten, daarbij amper concrete en haalbare alternatieven aandragend.

Het verschil tussen ‘links’ en ‘rechts’ populisme is dat de eerste uitsluitend in zijn retoriek aan de onderbuik appelleert, terwijl de tweede ook in beleidsdoelstellingen de liberale rechtsstaat relativeert of zelfs aantast. Nu eens de een (PVV, Forum), dan weer de ander (Ja21, BoerBurgerBeweging). En na deze komen er ongetwijfeld weer nieuwe. Ter rechterzijde ligt voor de elkaar afwisselende populisten een jachtterrein, met daarop bijna een kwart van de kiezers.

Heil zoeken bij ‘randpartijen’?

Door deze blijkbaar niet te stuiten ontwikkeling zijn de traditionele ‘bestuurspartijen’ – wier ledental dramatisch slinkt – gedwongen samen te werken, dan wel hun heil te zoeken in coalities met partijen waar ze eigenlijk niets mee hebben. Wat valt er nog te kiezen als de ‘bestuurspartijen’ in het politieke midden op één hoop worden geveegd? Of hun heil zoeken bij ‘randpartijen’ die ze eigenlijk niet zien zitten?

De VVD moet D66 niet omdat deze ‘sociaalliberalen’ haar linkervleugel – voor zover nog aanwezig – kunnen annexeren. Het CDA ziet D66 als ‘Zichzelf zonder God’, wat extra bedreigend is, omdat het CDA toch al steeds meer loskomt van zijn evangelische inspiratie.

De PvdA denkt het eigen verval tegen te kunnen gaan door een verstandshuwelijk te overwegen met haar grootste electorale concurrent, GroenLinks. Daarbij wordt gemakshalve over het hoofd gezien dat beide partijen qua achterban en partijcultuur volstrekt niet bij elkaar passen. Een fusie van ‘zwak’ plus ‘zwak’ leidt niet zomaar tot ‘samen sterk’. Kortom, een zwaktebod.

Vervaagde ideologieën

Intussen zoeken rechtse en linkse liberalen, VVD en D66, steun bij partijen die hen wezensvreemd zijn, om toch maar te kunnen regeren. Want wat hebben deze liberalen, wier erflaters ons ooit bevrijdden van het juk van de absolute monarchie en de tucht van de religie, te zoeken bij partijen als ChristenUnie en SGP?

Deze christelijke partijen hebben in onze democratie zeker bestaansrecht, zij zeggen niet aan de vastgelegde scheiding van Kerk en Staat te tornen, maar het lijkt soms anders. Wel beschikken deze partijen, net als de Partij voor de Dieren, over een eigen identiteit, die hen onderscheidt van andere. Juist dat is hun kracht.

Het ontbreekt de ‘bestuurspartijen’ aan een dergelijke identiteit. Hun ideologie is vervaagd, vervluchtigd of onzichtbaar geworden. Pogingen om daar via speciale partijcommissies, beginselmanifesten of initiatieven van partijprominenten verandering in aan te brengen, zijn overal gestrand.

Moreel leiderschap ontbreekt

Al met al is de trieste conclusie dat het ons al jarenlang ontbreekt aan moreel leiderschap in de politiek. Krampachtig probeert men de macht vast te houden, zonder precies te weten wat men er op de langere termijn mee moet. De eerstvolgende verkiezingen tellen blijkbaar zwaarder dan de toekomst van komende generaties.

Hoe verder? De traditionele ‘bestuurspartijen’ zijn op weg naar hun einde. Bij de PvdA en het CDA is dit al zichtbaar, na het vertrek van Rutte volgt de VVD. De flanken bieden geen bestuurskracht en evenmin perspectief. De grote tegenstelling van deze en komende tijden is markt versus samenleving, ofwel het economische aspect tegenover het sociale.

Twee oriëntaties

Twee daaraan gekoppelde politieke bewegingen kunnen, los van partijbelangen, de balans bepalen. Aan de ene kant een samenstel van groeperingen, die zich geïnspireerd weten door het liberalisme, dat ons individuele vrijheid verschafte. Aan de andere kant een maatschappelijk verband dat zich aangesproken voelt door het sociaaldemocratisch gedachtegoed, waarin mens en samenleving centraal staan.

Laat beide oriëntaties samen de verbinding zoeken. Dit zal ons land ten goede komen: het beste uit twee werelden.

Bert Middel was namens de PvdA lid van de Tweede en Eerste Kamer, burgemeester van Smallingerland en dijkgraaf van het Gronings-Drentse waterschap Noorderzijlvest.

Nieuws

menu