Helende kracht

De keukentafel vormt de ondergrond van een allegorie: koffiekopje, laptop, etui, boeken, brieven, slordige notities en zelfs een uitgetypt dagboek uit oorlogstijd. Om te schrijven, bouw ik een georganiseerde chaos om me heen. Dit keer ben ik op zoek naar alternatieve geneeswijzen in het begin van de twintigste eeuw. Ik vind aantekeningen over magnetiseurs, wichelroedelopers, hypnotiseurs en andere wonderdokters.

Anne-Goaitske Breteler.

Anne-Goaitske Breteler. FOTO LC

Het Friese krantenarchief geeft goede voorbeelden. Zo stuit ik op een artikel over de uitverkochte shows van de Groninger Geert van Keulen, alias Kara El Hammed. Een variété-artiest die met zijn telepathie en hypnose het noordelijke publiek trok. Een advertentie uit de Leeuwarder Courant in 1947 laat zien dat hij ook als particulier ingehuurd kon worden voor handopleggingen bij mensen met fysieke of geestelijke klachten.

Ondanks hun populariteit liepen beroepsuitoefenaars als Van Keulen gevaar. Het vonnis van ‘onterecht uitoefenen van geneeskunst’ hing hen constant boven het hoofd. De bestrijding van kwakzalverij was er een die tot gevangenisstraffen kon leiden. Tegenwoordig is die consequentie niet meer zo vergaand en worden alternatieve geneeswijzen zelfs ten dele vergoed bij de zorgverzekeraar.

De chaos op de keukentafel laat ik achter me, omdat het toeval wil dat ik deze dag een paardencoachsessie bijwoon. Op systemische en sjamanistische basis. Tot voor kort kende ik die begrippen alleen door de tentoonstelling Helende Kracht in het Tropenmuseum, waar ik aan meewerkte. En om eerlijk te zijn heb ik best wat vooroordelen, want een alternatief genezer mag dan in deze tijd relatief vrij zijn vak kunnen uitoefenen, toch werkt het maatschappelijke taboe op bijgeloof door.

Tijdens de sessie leer ik over mezelf, door het spiegelgedrag van de paarden. Sommige aspecten resoneren, andere wat minder. Maar dat geeft niet, want wat ik vooral zou moeten onthouden is dat het sjamanisme ervan uitgaat dat alles om ons heen bezield is, en daarom met elkaar verbonden is. Het betekent dat de zwaluwen die boven ons hoofd vliegen, of de kat die zo nu en dan tegen mijn been schuurt, de moeite waard is om waar te nemen.

Op de terugweg zie ik een witte reiger opvliegen. Een dier dat ik, al voor deze middag, wél oplettend in de gaten hield. Ik beschouw het als een geluksbrenger, net zoals de even getallen, die ik liever heb dan oneven. Het levert me een irrationele zekerheid op.

Ook al zie ik voor mezelf niet een volkomen systemisch of sjamanistisch pad in de toekomst, toch neem ik wel iets mee uit deze bijeenkomst. Een soort helende kracht die ik toevoeg aan het lijstje met onverklaarbare betekenisgevers in mijn hoofd. Muziek staat daar ook tussen, net als schrijven en inspiratie in het algemeen. Die collectie van losse flodders doet me denken aan wat de psychiater Dirk de Wachter ‘religieus samplen’ noemt.

Een teken van de tijd. Veel generatiegenoten zijn op zoek naar betekenisgevers die het leven structureren. Horoscopen, tarotkaarten, sjamanisme, mindfullness: zienswijzen van vandaag de dag. Volgens mij is het onschuldig om zo’n keukentafel-allegorie gevuld met irrationele betekenisgevers aan te houden. Mits er, volgens de denkwijze van De Wachter, maar plaats blijft voor de ander.

Agbreteler@gmail.com

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column