Een Rotterdammer in Leeuwarden: Ik kom in vakantiestemming

Daniël Coenen.

Daniël Coenen verhuisde samen met zijn gezin van Rotterdam naar Leeuwarden. Hoe beleven zij de overstap van de Randstad naar Friesland? In een wekelijkse column vertelt hij de komende tijd over wat hij meemaakt. Vandaag deel 42: Ik kom in vakantiestemming

Vanuit Rotterdam is het gebied boven Leeuwarden het Friesland dat het meest ver weg ligt. Het gebied spreekt aan. Aan de ene kant de strakke leegte van weilanden en waddendijk. Aan de andere kant een voller landschap met bossen. Met Dantumadiel, volgens een bekende het kalifaat van Friesland omdat het de enige gemeente is met een SGP. En Dokkum, bekend van rebellie tegen Bonifatius en Piet-demonstranten. Interessante materie dus. 

Ik kom in vakantiestemming. Verlost van dagelijkse vacature-updates en verblijd met alle felicitaties afgelopen week. We ontdekken zodoende het noord-oosten. Zoals ik vroeger met mijn ouders ’s ochtends een plaatsje bezocht in Zuid-Europa, zo rijden wij woensdagmorgen naar Dokkum. Prachtig stadje. Mooie panden, goed onderhouden, prima horeca, leuke winkels. Komen we nog eens. Mijn partner gaat donderdagavond met collega’s suppen in Feanwâlden. Het water, het groen, het plezier. Zelf bezoek ik omgeving Buitenpost inclusief terras in Hurdegaryp. Kortom, goed toeven in deze streken. 

Dan meer naar het noorden. Donderdagmiddag gaan de kinderen naar mijn ouders op de camping op Ameland. Overdracht op de veerdam. Vanaf het bovendek draagt het water zijn ‘dag papa’ naar de kade. Ik ben blij met de rust maar dit doet pijn in mijn vaderhart.  

Vrijdag, ook net als vroeger op vakantie maar dan thuis, de eenvoud van een café, een paar winkels en koken. ’s Avonds een borrel. Niet meer digitaal blijkt de één in het echt langer, de ander korter. Terug van weggeweest: zo’n gezellig aanhoudende stroom kaas, worst, snacks en drankjes.  

Zaterdag opnieuw naar Holwerd, nu om voor de vierde keer sinds onze verhuizing zelf over te steken. Voor een echte vakantie van twee dagen. Opnieuw op de camping met mijn ouders. Broer is er ook. Vroeger stonden we drie weken op de camping op Schiermonnikoog. Achteraf dacht ik: hoe kun je dat volhouden? Ik begin het weer te snappen.  

’s Ochtends wandelen en vogels kijken. (Deze categorie vakantiegangers verklaarden wij vroeger trouwens voor gek.) ’s Middags in een strandtest tosti met patat. Vermoeid van de zee en het voetballen slaapt hij op mijn schoot. We bestellen extra patat. 

Ik vermoedde het al: niet-werken is het leukste als je weet dat je binnenkort wel gaat werken. Bij de tent heb ik geen internetsignaal. Zondagmiddag hebben meerdere fietsers op het duinpad een telefoon voor hun ogen. Formule 1? Tour?  

Zondagavond de snelboot terug. In twintig minuten - een verademing met jonge kinderen. We missen het Nederlands elftal. Uiteindelijk blijkt dat niemand Oranje die avond ziet voetballen. Max rijdt, Mathieu fietst, Matthijs grabbelt (of: Malen mist). Geniet van jullie vakantie, jongens.  

Reageren?  daniel_coenen@hotmail.com   

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column
Instagram