De stille achteruitgang van de wilde eend

‘Eendenkuikens vallen beter op voor onderwaterrovers.’

We hebben het misschien amper door, maar de wilde eend boert in het Friese landelijke gebied al decennialang achteruit. De gevaren komen van vele kanten.

Al vanaf mijn jeugdjaren volg ik het wel en wee van de wilde eend. Mijn bevindingen heb ik vastgelegd in het rapport The results into the causes of the decline of the Mallard in the Frisian rural area .

Bij de wilde eenden worden gedurende de winter koppeltjes gevormd. Door het overschot aan woerden verdrinken er bij de paringen veel eendjes. Ik lees regelmatig in tijdschriften dat er te veel woerden zijn. Maar er zijn juist veel te weinig eendjes.

Scheve verhoudingen

In mijn acht telgebieden was de laatste jaren in de wintermaanden sprake van een scheve geslachtsverhouding, met 32 procent eendjes en 68 procent woerden. Doordat (beheer)jagers vrijwel alleen woerden schieten komt de scheve man/vrouw-verhouding gestaag weer wat meer in balans.

De broedpopulatie wilde eenden op Europees niveau laat een matige toename zien. In ons land is de soort met circa 250.000 broedparen zo gewoon dat we nauwelijks in de gaten hebben dat de wilde eend in het (Friese) landelijk gebied al enkele decennia achteruitgaat.

Klimaatverandering en jacht blijken volgens Sovon niet de boosdoener. Vooral de kuikenoverleving is te laag, waardoor sinds 1990 circa 30 procent van onze broedpopulatie is verdwenen.

Afname Nederlandse winterpopulatie

Ook de Nederlandse winterpopulatie (circa 700.000 eenden), bestaand uit eigen eenden en buitenlandse vogels, is sinds 2000 met bijna een kwart afgenomen, omdat de Noord-Europese broedvogels (door de zachtere winters) noordelijker blijven overwinteren.

In het gebied waarin ik beroepsmatig mollen vang (circa 2.500 hectare), gaat de afgelopen drie jaar gemiddeld 19 procent van de wilde eenden zelfs niet meer broeden. Dit heeft volgens mij vooral te maken met de verstorende aanwezigheid van een te veel grondpredatoren zoals de vos. Hoe dit de broedstrategie van de wilde eend beïnvloedt, verdient nader ecologisch onderzoek.

In mijn werkgebied wordt ongeveer de helft van de nesten of vrouwelijke eenden gepredeerd, vooral door vossen en steenmarters, maar ook door zwarte kraai, bruine rat en egel.

Predatoren terugdringen

Het door jagers planmatig en gecoördineerd terugdringen van predatoren in ons cultuurlandschap draagt wezenlijk bij aan een gunstiger staat van instandhouding van soorten zoals de wilde eend. Ook wordt een deel van de nesten en eendjes uitgemaaid. Een dringend advies aan de agrariërs is om de slootkanten waar mogelijk niet meer te maaien gedurende het broedseizoen.

Als de resterende eieren uitkomen volg ik de eendengezinnen. Veel eendenkuikens vallen ten prooi aan blauwe reiger en snoek. De reiger profiteert van de zachtere winters. De snoek vaart wel bij het helderdere water, met meer ondergedoken waterplanten en een grotere biodiversiteit. Eendenkuikens vallen daarin beter op voor onderwaterrovers.

Wat ook een rol speelt, is dat de insectenrijkdom minder is geworden en dat wilde eenden(kuikens) het minder goed doen in helder (stromend) water zonder eendenkroos. In de jaren tachtig, toen de waterkwaliteit slechter was dan nu, met veel meer eendenkroos, kende de wilde eendenpopulatie een opleving.

Plaatsen eendenkorven helpt

Volgens Sovon en de Vogelbescherming wordt circa één op de vijf wilde eendenkuikens vliegvlug. Dus vooral de overleving van de kuikens in de kwetsbare kuikenfase is te laag waardoor de stand al enkele decennia afneemt.

Het plaatsen van eendenkorven, bijvoorbeeld dankzij De Strampel, de Friese vereniging van eendenkorfvlechters, helpt. De kans dat het eendje van het nest wordt geplukt door een predator is klein. Hierdoor wordt het nestsucces vergroot en komen er dus meer kuikens uit.

Meer broedsucces

Opmerkelijk is dat niet alle soorten eenden in Nederland achteruit gaan. Zo is bijvoorbeeld de populatie krakeenden in de afgelopen tien jaar verdubbeld, naar circa 25.000 broedparen. Bij de krakeenden is er géén scheve man-vrouwverhouding.

Een belangrijke reden voor de forse toename is dat de krakeenden later broeden, als de insectenrijkdom groter is. Daarnaast verstoppen ze hun nesten beter, waardoor er minder nestpredatie optreedt. Wanneer moeder krakeend op de eieren zit, houdt ‘betere’ vader krakeend de wacht om rovers op afstand te houden.

Krakeenden komen pas eind juni met hun kuikens naar buiten en kiezen dan snel voor het relatief veiliger grote open water. Circa één op de drie krakeendkuikens die uit het ei kruipen worden door deze survival of the fittest vliegvlug.

Klaas Stapensea is gespecialiseerd in mollenbestrijding, faunamanagement en ecologisch advies.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Opinie