Bouwplannen Leeuwarder Spoordokzone moeten terug naar de tekentafel | opinie

Schets van het toekomstige Spoordokgebied. FOTO GEMEENTE LEEUWARDEN

Bij de plannen voor het Spoordokgebied in Leeuwarden ontbreekt het aan een samenhangend verhaal. Hierdoor rijzen in de toekomst mogelijk nieuwe problemen op.

Onlangs werd vanuit het Rijk 8,1 miljoen euro toegekend voor de bouw van een mobiliteitshub in de Spoordokzone in Leeuwarden. Dat is mooi meegenomen. De gepubliceerde plannen baren echter grote stedenbouwkundige zorgen. Vooral doordat een samenhangend verhaal ontbreekt. Samenhang met de Lelylijn, een autovrij centrum en de krimp die in Fryslân op de loer ligt.

De Spoordokzone, ooit de plek waar Frico en de veevoerfabriek van de CAF de skyline van Leeuwarden domineerden, was een ideale plek voor de zuivelindustrie. Tussen de Harlingervaart en het spooremplacement was het goed zuivel uit de provincie ontvangen en vervolgens de wijde wereld insturen over het spoor. Intussen begon Leeuwarden flink te groeien buiten het historisch centrum.

Grote wig tussen wijken

Vandaag de dag is de Spoordokzone vooral een grote wig tussen de buurten Vossepark en Huizum-West. Er zit zo’n 1,3 kilometer tussen het Stephensonviaduct en de Schrans, twee plekken waar je als fietser over het spoor kunt. Dat is niet bepaald een fijnmazig netwerk voor fietsers. De nieuwe plannen voorzien in een passerelle over het spoor. Daarvoor zou de Jumbo bij Huizum moeten wijken. Voor goede fietshellingen is echter te weinig ruimte.

Mocht de fel bediscussieerde Lelylijn er komen, dan komt die hoogst waarschijnlijk in een tunnel onder het Van Harinxmakanaal door. Recreatievaart en binnenscheepvaart zijn erbij gebaat dat de spoorbrug HRMK over het Van Harinxmakanaal vervalt, een brug die op het einde van zijn levensduur begint te raken. Eveneens met geld van het Rijk, ter compensatie van de Zuiderzeelijn die er niet kwam, zijn niet lang geleden het Margaretha Zelle Akwadukt en het M.C. Escher Akwadukt aangelegd. Het kanaal wordt steeds meer vrijgespeeld.

Woningnood

De mobiliteitshub waarvoor Leeuwarden nu subsidie voor heeft gekregen, zet echter een rug op naar het spoor. Daarmee worden allerlei mogelijke toekomstige verbindingen vanuit Huizum-West onmogelijk gemaakt, in het geval van ondertunneling van het spoor. Feitelijk bestendigt het plan de huidige geïsoleerde ligging van de Spoordokzone. In de plannen wordt gerefereerd naar het Dakpark in Rotterdam. Achteraf niet zo handig, komt men nu achter. In Merwe-Vierhavens, een oud haventerrein, zitten inmiddels kunstenaars van naam. Maar het Dakpark ligt in de weg voor de bewoners van Bospolder; zij moeten omlopen.

Het Dakpark is nodig om de enorme hoeveelheid auto’s te kunnen parkeren. Door het hoge aantal woningen zijn er ook nog steeds heel veel parkeerplaatsen nodig. Het moet vermoedelijk het plan rendabel maken, hoogstwaarschijnlijk als gevolg van hoge grondprijzen door de huidige woningnood.

De woningnood is momenteel weliswaar hoog, maar Fryslân en ook Leeuwarden vergrijzen sterk. Ouderen kunnen vaak niet kleiner wonen, kleiner is vaak meteen duurder. Je zou wel gek zijn. Als deze mensen komen te overlijden, dan komt de doorstroming op de woningmarkt waarschijnlijk weer op gang. Wie gaat er dan nog in die compacte Spoordokzone wonen?

Strategische missers

En dan is er nog de ruimtelijke opzet van de plannen. Geïsoleerd als de Spoordokzone ligt, is de bewegingsruimte al niet groot. Die wordt verder beperkt door de aanleg van twee nieuwe havens. Leeuwarders mogen uitvoerig meepraten. Maar wat je ook wilt gaan doen, de kans is groot dat je in een lastig ruitvormig korset van de nieuwe bouwvelden wordt geperst. Velden die allemaal ontwikkeld moeten zijn wil het plan echt functioneren in samenhang met de nieuwe hub.

Dat is vragen om problemen in zo’n voormalig industrieel gebied. Dat weten ze maar al te goed bij de organisatie van musical de Tocht ; het Brada-terrein bleek te vervuild. Wie weet wat je nog meer tegenkomt als je gaat graven.

De plannen zijn een oplossing voor nu, zitten vol ecologisch wensdenken en strategische missers, maken rare en unheimische verbindingen (en maken die juist niet waar ze wel nodig zijn) en trekken auto’s aan terwijl het centrum autovrij wordt gemaakt. Gaan ze in deze vorm door, dan organiseert Leeuwarden zeer waarschijnlijk zijn eigen toekomstige problemen. Mijn advies is dan ook; terug naar de tekentafel.

Rob Koningen is stedenbouwkundig ontwerper.

Nieuws

menu