Lifeguards op Terschelling: 'Dat preventieve werk, hoe saai ook, dat is eigenlijk het werk van een lifeguard'

Sinds deze week wordt onder meer een deel van het Noordzeestrand op Terschelling weer bewaakt door lifeguards. Op Terschelling hoefden ze nog niet vaak uit te rukken.

Oefening KNRM Terschelling.

Oefening KNRM Terschelling. FOTO TIMSIMAGING/NEEKE SMIT

Een koude straffe noorderwind raast over het strand bij Paal 8 terwijl twee lifeguards naar de kustlijn turen vanuit een verhoogde post op het strand. Druk zullen ze het niet krijgen, want er wordt weinig gezwommen. Koud krijgen ze het wel. In elk geval Michelle van Putten (20) uit De Bilt die met kippenvel op haar benen besluit een lange broek aan te trekken.

Voor het twaalfde seizoen staat de KNRM sinds afgelopen zaterdag op het eiland klaar om mensen in nood te hulp te schieten, vertelt locatiecoördinator Peter van de Linde (40). De redders zijn sportieve studenten, die het werk tussen de twee en acht weken doen in de zomer.

Meisjes in de problemen

Hoewel het in het eerste weekend lekker weer was, vallen de incidenten tot nu toe behoorlijk mee. Een keer rukte het team van Paal 8 uit om twee meisjes van een jaar of elf te hulp te schieten, vertelt Sven Harskamp (24) uit Menaam. ,,Ik stond hierboven met mijn verrekijker te kijken. Mijn collega Jippe (Naber (19), red.) stond beneden bij de waterlijn.’’

Beiden zagen op hetzelfde moment dat de meisjes in de problemen leken te komen. ,,Ze kwamen niet meer vooruit.’’ De collega ging er peddelend op een reddingsplank naartoe. Harskamp zwom erheen met een rescue tube , een geel drijvend reddingsmiddel waaraan mensen zich kunnen vastklampen. ,,Slachtoffers kunnen we dan meetrekken. Maar als een slachtoffer hetzij bewusteloos is, hetzij heel vermoeid, kunnen we de tube zo achter de rug vastklikken.’’

Bij de meisjes bleek dat laatste niet nodig. ,,Dit was eentje volgens het boekje. Die meiden hadden helemaal niet in de gaten dat ze in de problemen waren. Als we langer hadden gewacht, hadden ze denk ik wel de vermoeidheid gevoeld.’’

Mui

De meisjes werden naar de kant gesleept en hun moeder kreeg nog wat tips mee om reddingen in de toekomst te voorkomen. Volgens Van de Linde, naast locatiecoördinator is hij ook opstapper bij de KNRM en werkt hij als verkeersleider op vuurtoren de Brandaris, was er eigenlijk geen sprake van een redding. ,,Die mensen waren nog niet echt in de problemen. Je bent gewoon je preventieve taak aan het uitvoeren.’’

Want dat is wat de lifeguards volgens hem vooral moeten doen – hij hamert er tijdens het gesprek meermaals op. ,,Eigenlijk is dat het werk: vooraf mensen waarschuwen: let op, daar zit een mui, jongens jullie gaan buiten het gebied. Dat preventieve werk, hoe saai ook, dat is eigenlijk het werk van een lifeguard.’’ Alle informatieborden en andere uitingen op het strand dienen daartoe volgens hem ook.

Het woord mui is gevallen. 80, 90 procent van de mensen in de problemen is gerelateerd aan muien, zeggen de redders. Een muistroom ontstaat achter een zandbank. ,,Dat komt door golven die om de zandbank heen stromen’’, zegt Van de Linde. ,,Een mui is eigenlijk helemaal niet gevaarlijk, want als je je mee laat stromen door opkomend of afgaand tij, dan kom je vanzelf uit die mui ook weer aan de andere kant op de volgende zandbank terecht.’’

Meisje Ameland

,,Alleen wat mensen altijd doen is denken: ik ben hier te water gegaan, ik moet hier de kant op zwemmen. Dan raken ze in paniek en vermoeid. Dat is het probleem waar mensen uiteindelijk aan onderdoor gaan.’’ Het is een verhaal dat de laatste jaren vaak wordt verteld. En het helpt, zegt Van de Linde. Mensen lijken volgens hem alert te zijn, onder meer door publiciteit.

De dood van een 14-meisje in juli vorig jaar op Ameland versterkte dat nog meer. Het meisje was bijna een week vermist nadat ze in zee verdween, en ook op Terschelling werd er veel over gesproken. Van de Linde: ,,Ik denk dat dat wel een week lang effect heeft gehad op strandbezoekers. Je merkt wel dat zoiets op een gegeven moment verwatert, want dan komen er weer nieuwe mensen die het niet mee hebben gekregen.’’

In totaal drie reddingsposten op het Terschellingse Noordzeestrand zien toe op drie totaal verschillende soorten publiek, zegt Dylan Spenkelink. Bij Paal 8 komen vooral dagjesmensen, bij Midsland een combinatie van jongeren en ,,Center Parcs-gezinnetjes’’ en bij Formerum zijn veel jongeren van de campings. Daar roepen de lifeguards zo nu en dan door de megafoon dat een groep die het strand verlaat zijn rommel eerst moet opruimen.

De lifeguards houden vooral de gedeelten tussen de vlaggen in de gaten. Dat stuk hebben ze weloverwogen uitgezet. ,,We hebben hem vandaag een stukje naar het westen staan’’, zegt Spenkelink. ,,Daar waar die waterscooter staat, heb je net een stukje rustiger zee. Daar breken de golven op de bank. Daar wil je de mensen niet hebben.’’ Waarom niet? ,,Mui’’, is het korte alarmerende antwoord.

Nieuw soort publiek

Afgelopen jaar kwam er door corona een publiek bij dat soms niet eerder op de Waddeneilanden was geweest. Hoewel je zou verwachten dat die mensen misschien in de problemen zouden komen, was dat volgens Spenkelink allerminst het geval. Ze leken juist voorzichtiger te zijn. Wellicht ook omdat ze door publiciteit meer gewaarschuwd waren.

Behalve de plank, de rescue tube en de auto hebben de lifeguards ook nog onder meer een waterscooter, bedoeld voor reddingen verder in de zee. Gebruikt wordt de scooter niet vaak, ermee geoefend wel. Belangrijk is om zo snel mogelijk een wetsuit aan te trekken. ,,Ik heb het record van Terschelling’’, lacht Spenkelink. ,,In 37 seconden kan ik met mijn wetsuit aan klaar staan. Dat ga ik dit jaar nog verbreken.’’

Als hij even later zijn wetsuit aantrekt timen zijn collega’s: 52 seconden. ,,Maar wel met een nat pak.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Terschelling
Instagram