Archeologen zien 16e-eeuwse rijkdom in kloostergrond van begijnen in Leeuwarden (en stuiten op begraven skelet van varken)

De grond in de Leeuwarder Sint Anthonystraat zit vol met prachtig kloosterafval. Archeologen vonden er rijk versierd aardewerk, munten en een begraven varkentje.

De opgraving van MUG met op de voorgrond de restanten van een grote gemetselde waterput.

De opgraving van MUG met op de voorgrond de restanten van een grote gemetselde waterput. FOTO LC/ERWIN BOERS

Wie denkt aan vrome kloosterzusters, verwacht niet meteen allerlei dure spullen. ,,We waren dan ook verbaasd over het mooie aardewerk en glas dat we vonden’’, zegt Marlies van Kruining van bureau MUG. Zulke eigendommen passen meer bij rijke dames dan bij sober levende vrouwen, zegt ze.

 

MUG nam het terrein de afgelopen weken onder de loep. Dit gebeurde als voorbereiding op de uitbreidingsplannen van basisschool De Oldenije. Het gebied ligt achter de Bagijnestraat, die is vernoemd naar het Sint-Annaklooster dat hier vermoedelijk aan het begin van de zestiende eeuw is gebouwd. De Westerkerk en het naastgelegen Patershuis zijn restanten van dit gebouwencomplex.

Begijnen verdienen kost met kledingproductie

Begijnen werden binnen de katholieke wereld niet als volwaardige nonnen gezien. Ze stonden wel bekend als vrome, hard werkende vrouwen, die op een afgesloten terrein bijeen leefden. In Leeuwarden verdienden ze de kost vooral met kledingproductie in een werkhuis naast het Patershuis. Aan de oostkant werd hun terrein begrensd door een stadsgracht op de plek van de latere Sint-Anthonystraat.

Op die oostrand sloegen de archeologen de afgelopen weken aan het graven. Al vrij snel kwamen ze een grote beerput tegen, die boordevol zestiende-eeuws afval zat, zoals rijk versierde stukken van potten en pannen. Iets verderop vonden ze een forse gemetselde waterput en een huiskelder, uit een iets latere bouwperiode.

,,We hebben veel dierlijke botten gevonden’’, zegt Van Kruining. De beenderen uit de kloostertijd lijken vooral afkomstig van opgegeten varkens, vogels en vissen. ,,We vonden zelfs een compleet skelet van een jong varken.’’ Dit bleek om onduidelijke redenen keurig te zijn begraven. Iets verderop lag een begraven hond.

Bisschop Petri verblijft in Patershuis

Eind zestiende eeuw gold het klooster als een voorname plek: niet voor niets woonde bisschop Cunerus Petri korte tijd in het Patershuis na zijn vestiging in Leeuwarden.

Na de Reformatie in 1580 kregen de gebouwen andere functies. Het achtergelegen kloosterterrein lijkt daarna niet intensief meer te zijn gebruikt. Het overgrote deel van de archeologische vondsten dateert namelijk uit de zestiende eeuw.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Leeuwarden