Kinderopvang gaat staken vanwege werkdruk: 'Wat ouders in coronatijd meemaakten en dan met acht kinderen'

Voor het eerst in twintig jaar gaan medewerkers van de kinderopvang, peuteropvang en buitenschoolse opvang staken. Ze vinden de werkdruk veel te hoog.

Douwina Hutting.

Douwina Hutting. EIGEN FOTO

Het is echt een noodgreep, een staking, maar het kan zo niet langer, zegt Douwina Hutting (34) uit Leeuwarden. Pedagogisch medewerkers, ook wel leidsters genoemd, hebben veel te veel aan hun hoofd. Naast de zorg voor de kinderen hebben ze er de afgelopen jaren allerlei taken bij gekregen. Het is woekeren met de beschikbare tijd. En ja, heel eerlijk, dat leidt er wel eens toe dat ze ,,maar met een half oog naar de kinderen kijken’’.

Allemaal onder werktijd

Hutting werkt al sinds haar achttiende in de kinderopvang; twaalf jaar lang was ze leidster. Inmiddels staat ze niet meer ‘op een groep’, maar is pedagogisch coach. Ze werkt bij een grote organisatie in Groningen en helpt de leidsters om hun vaardigheden te verbeteren. De kinderopvangbranche heeft een pittige tijd achter de rug, vertelt ze. In de jaren na de economische crisis daalde het aantal kinderen op de opvang sterk. Hierdoor kreeg de sector te maken met stevige bezuinigingen.

Een van de maatregelen was bijvoorbeeld dat op de huishoudelijke hulp beknibbeld werd. ,,De vuile vaat, de was, het verschonen van de bedden, alles wordt sindsdien door de pedagogisch medewerkers gedaan. En dat moet allemaal onder werktijd.’’ Maar na het herstel van de economie steeg het aantal kinderen weer. En vakinhoudelijk zijn de eisen hoger geworden. ,,Eerder was het echt een peuterspeelzaal, nu komen er meer kinderen met een complexe zorgvraag en gedragsproblematiek.’’

Aantal uren te klein

Hutting wijst op de voor- en vroegschoolse educatie voor jonge kinderen met een onderwijs- of ontwikkelingsachterstand. Die is bedoeld om peuters met een mogelijke taalachterstand beter voor te bereiden op de basisschool. Dat vergt op zich al meer van de leidsters, maar het brengt ook nog het nodige papierwerk met zich mee. ,,Je moet formulieren invullen en de ontwikkeling bijhouden.’’

Kortom, naast de dagelijkse verzorging van de kinderen, bijvoorbeeld het voeden, het verschonen, het naar bed brengen en het spelen, hebben leidsters nog allerlei andere taken. ,,Je hebt ook nog de gesprekken met de ouders, rondleidingen, contacten met wijkinstanties en ga zo maar door.’’ Probleem is alleen, zegt Hutting, dat het aantal uren daarvoor, de zogeheten niet-groepsgebonden uren, te klein is.

‘Uiteindelijk doen we het voor de kinderen’

Veel van die extra taken moeten dus noodgedwongen tegelijk met het verzorgen van de kinderen worden afgehandeld. En dat knelt. ,,Ik denk dat ouders in coronatijd hebben gevoeld wat pedagogisch medewerkers in de praktijk doen. Maar dan doen ze het met acht kinderen.’’

Het voorbereiden van week- en dagprogramma’s doen leidsters daardoor vaak in hun privétijd. De hoge werkdruk vertaalt zich in langdurige uitval en burnouts, zegt Hutting. En daarbij zijn er ook nog eens grote personeelstekorten. Bovendien wordt er een ruime beschikbaarheid geëist. ,,Als je 24 uur werkt, moet je 4 dagen beschikbaar zijn. Een baas kan zeggen: ‘Je moet komen, want ik heb niemand anders’. En dat is vaak ook nog zo.’’ Uit loyaliteit komen leidsters dan toch maar weer opdraven, zegt Hutting.

Er zijn heus organisaties die hun zaken goed voor elkaar hebben, onderstreept Hutting. Maar er zijn ook organisaties die hun visie niet helemaal kunnen waarmaken, zegt zij. Een goede cao kan ervoor zorgen dat het overal naar een goed niveau gaat. ,,Wij willen niet staken, we willen gehoord worden. Het is nu echt genoeg. Uiteindelijk doen we het voor de kinderen.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland