Vijf start-ups met een alternatief voor windmolens en zonneparken

Windmolens, zonneparken en biovergisters kunnen nooit onze complete energievraag vervullen. Maar wat is het alternatief? Deze vijf start-ups hebben een andere manier om energie uit wind, zon en zee te halen.

Jelle Cupido (links) van Terschelling Energie in gesprek met Maarten Berkhout van SeaQurrent.

Jelle Cupido (links) van Terschelling Energie in gesprek met Maarten Berkhout van SeaQurrent.

Het is een idee van wijlen Wubbo Ockels, dat nu door een start-up uit Delft wordt uitgewerkt: Kitepower . Zij laten een vlieger van veertig vierkante meter 450 meter omhoog gaan, waar de krachtigste wind waait, en daar ronddraaien. De krachten die daarbij vrijkomen, worden via een kabel overgebracht naar een grondstation en met een generator omgezet in energie.

De vlieger is bijna niet te zien of te horen maar levert rond de 100 kilowatt, genoeg om 150 huishoudens te voorzien, vertelde Titus Braber van Kitepower vorige week tijdens een pitch op Terschelling. De start-up test nu een prototype op vliegveld Valkenburg en probeert vooral het vermogen hoger en constanter te krijgen. In vergelijking met een traditionele windmolen is de vlieger 90 procent lichter. Hij is bovendien veel flexibeler in te zetten.

Handelsmissie

Kitepower is een van de vijftien start-ups die zich vorige week op de Waddeneilanden presenteerden tijdens een ‘handelsmissie’ van Lab Vlieland, dat als doel heeft de duurzame en circulaire tranistie aan te jagen, in samenwerking met de ministeries van Economische Zaken en Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid. De start-ups zeilden in twee teams langs de eilanden. De ene helft begon op Texel, de andere op Schiermonnikoog. Woensdag troffen ze elkaar op Terschelling, donderdag voeren ze met investeerders naar Leeuwarden, waar ze vrijdag hun ideeën presenteerden.

De start-ups stapten met verschillende doelen aan boord, vertelt Anna van Nunen van Lab Vlieland . ,,Er zijn er bij die nog niet eens een prototype hebben en vooral de markt komen verkennen. Andere hebben een kant-en-klaar product dat je kan kopen.’’ De start-ups werden door de organisatie geselecteerd op basis van de wensen van de eilanden. ,,Er zijn een aantal dingen die spelen. Zo is er de wens om zelfvoorzienend te zijn in de energievoorziening en de voedselvoorziening circulair te maken. En er ligt een grote uitdaging in woningbouw.’’

Voor de start-ups zijn de eilanden goede partners. ,,De ambities zijn hier heel hoog. In 2007 is uitgesproken dat men in 2020 zelfvoorzienend wil zijn in energie, dat lukt niet maar het geeft wel een urgentie. En de schaal is natuurlijk interessant. Op een eiland is het overzichtelijk. Het is makkelijker in kaart brengen wat nodig is.’’

Meer potentie dan zon

Aan boord ook Slow Mill uit Rotterdam. Ook zij maken gebruik van natuurkracht om energie op te wekken. Zij doen dat niet in de lucht maar op zee. De Rotterdammers hangen op 3,5 kilometer van de kust een installatie in zee, stevig verankerd op de bodem, die meedeint op de golven, vertelt oprichter Erwin Croughs. De beweging die ontstaat door de deining wordt overgebracht op een hydraulisch systeem dat het omzet naar energie. Bij rustig weer kan een installatie rond de 150 kilowatt opwekken, het vermogen gaat omhoog als de zee ruwer wordt.

Het systeem is uitermate geschikt voor de Noordzee, vertelt Croughs. ,,Wij kunnen goed omgaan met de korte golven die je daar hebt.’’ De Slow Mill hangt in de bovenste drie à vier meter van de golf, waar de meeste kracht zit, en heeft bladen die ervoor zorgen dat hij in het ritme van de zee blijft. ,,Dat is namelijk de grootste uitdaging om op te lossen. Je wilt niet dat het ongecontroleerd over het water stuitert. Golven fluctueren als een gek.’’ Bij echt hoge golven wordt het systeem onder water getrokken.

Vergeleken met een windmolen is Slow Mill goedkoper en neemt het slechts tien procent van de ruimte in, stelt Croughs. Het systeem beschermt, als het wordt opgesteld in een lijn, bovendien de kust. ,,Het fungeert als een kunstmatig rif.’’

Croughs denkt dat de golven een grotere potentie hebben dan zonne-energie. ,,Maar zon is tien jaar vooruit. Dat moeten we nog inhalen.’’ Uiteindelijk zullen ze elkaar vooral gaan aanvullen, denkt hij. ,,Zon levert veel op in de zomer, terwijl de zee dan kalmer is. In de winter is het andersom en leveren wij meer op.’’

Stabiele bron

Dat probleem heeft SeaQurrent uit Grou, ook mee op de handelsmissie, niet. Deze start-up laat vliegers onder water dwars tegen de stroom van het tij bewegen, de kracht die daarbij vrijkomt wordt omgezet in elektriciteit. Het is een stabiele bron, betoogt Maarten Berkhout, omdat deze stroom dagelijks beschikbaar is en honderd procent voorspelbaar is. Het is dan ook een goede oplossing naast zon. ,,Je voegt betrouwbaarheid toe.’’ Een vlieger levert 500 kilowatt energie, genoeg voor zevenhonderd huishoudens.

Deze zomer gaat SeaQurrent een prototype op een schaal van een-op-tien testen in de Waddenzee bij de Afsluitdijk. ,,Vanwege de lage stroomsnelheden is dat een perfecte plek.’’ Het geeft hen de mogelijkheid aan te tonen dat het systeem werkt in een relevante omgeving. Daarna kunnen weer verdere stappen genomen worden. ,,Doel is om in 2020 een commercieel project te hebben draaien.’’

Alternatieven voor zonnepanelen

Twee andere deelnemers aan de handelsmissie richten zich op alternatieve manieren om de energie uit de zon te oogsten. ZEP uit Urk doet dat met dakpannen waarin een zonnecel is verwerkt. ,,We houden van duurzame energie maar het zou zonde zijn als het gebouwen ontsiert’’, aldus Irene Kinderman die het bedrijf tijdens de missie vertegenwoordigde. De cellen in de pannen vallen van afstand niet op en mogen daarom ook op monumenten gelegd worden. Per cel is het rendement lager maar omdat de pannen in tegenstelling tot glazen panelen wel het hele dak kunnen bedekken is de opbrengst gelijk. ,,Qua kosten moet je denken aan een nieuw dak met zonnepanelen.’’ Grootste concurrent is Elon Musk. De Amerikaan, bekend van Tesla, heeft een patent voor leien met een zonnecel, ZEP heeft dat voor dakpannen.

Hyet Solar uit Arnhem heeft ook een alternatief voor de glazen panelen. Zij verwerken de cellen in een folie die momenteel in onder meer Rotterdam op benzinetanks wordt geplakt. Ook zijn er plannen om ze op vlotten te leggen. De cellen van Hyet Solar hebben een lager rendement dan een glazen paneel maar zijn wel de helft goedkoper en veel flexibeler te gebruiken.

Interesse van de eilanden

Zowel Hyet Solar als ZEP is al volop in productie. Kitepower heeft de interesse van Schiermonnikoog, Seaqurrent heeft al een intentieovereenkomst met de energiecoöperatie op Ameland en Slow Mill vond in Texel zijn eerste klant. Ook Jelle Cupido van Terschelling Energie heeft interesse in de vijf. ,,Zon is het laaghangend fruit maar uiteindelijk moeten we het zoeken in de combinatie. Vanuit onze leden krijgen we ook regelmatig de vraag waarom we niets doen met al dat water om ons heen.”

Cupido hoopt dat de eilanden elkaar aan kunnen vullen door aan verschillende initiatieven kansen te bieden. ,,Iedereen is met projecten bezig. Dat is denk ik ook goed. Dat we verschillende dingen proberen.’’

Dit bericht bevat meerdere video's. App-gebruikers klikken hier om die te bekijken.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Video