Venijnig spoeddebat in Tytsjerksteradiel met motie van wantrouwen als slotstuk

Het gemeentehuis van Tytsjerksteradiel in Burgum. Foto LC

In een tweede spoeddebat op rij heeft de raad van Tytsjerksteradiel opnieuw verhit gediscussieerd over de rol van het college bij sporthal de Nije Westermar.

De oppositiepartijen GroenLinks, VVD, PvdA en Partij voor de Boeren kwamen met een hele lijst met rekenvoorbeelden, waaruit volgens hen bleek dat het college voetbalclub FC Burgum op een oneigenlijke manier financieel bevoordeeld had.

De verwijten troffen vooral verantwoordelijk wethouder Gelbrig Hoekstra. Haar werd de schijn van belangenverstrengeling voor de voeten geworpen, omdat haar bedrijf hoofdsponsor van voetbalvereniging BCV, die opging in FC Burgum, is geweest.’

Staand beleid

Het college zou de raad ook misleid hebben, door in een raadsvoorstel niet te melden dat FC Burgum het sportcafé in de nieuwe sporthal zou kopen. Verder zou het college verzuimd hebben te voldoen aan de informatieplicht aan de raad.

In haar verweer wees Hoekstra erop dat in het raadsbesluit het woord ‘koop’ niet voorkwam, maar het woord ‘huur’ ook niet. Ze erkende dat dat duidelijker had gekund en bood haar excuses ervoor aan, maar volgens haar was het logisch dat de gemeente de sportkantine niet in eigendom zou houden, omdat het staand beleid was om kantines te privatiseren. De oppositiepartijen bestreden deze uitleg.

‘Der fier by troch’

Coalitiepartijen CDA, FNP en ChristenUnie toonden zich ronduit geïrriteerd over de ‘insinuaties’ van de oppositie. Zij benadrukten dat er een mooie sporthal staat en dat er in elk groot proces fouten gemaakt worden. Het in twijfel trekken van de integriteit van Hoekstra vonden zij ‘der fier by troch’.

Na een lang en venijnig debat diende de oppositie een motie van wantrouwen tegen het college in, tot grote weerzin van de coalitiepartijen. De motie werd met dertien tegen acht stemmen verworpen.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland