Sneekweek een wirwar van honderden boten? Hier een overzicht van de klassetekens en een uitleg

De Sneekweek van 2019. Foto: Eize Hoekstra

Voor de leek is de sportieve kant van de Sneekweek – start zaterdag 6 augustus, slotdag donderdag 11 augustus – een wirwar van honderden boten, met op de zeilen tientallen verschillende tekens. Hier een overzicht en uitleg om het iets begrijpelijker te maken.

In het boeiende schouwspel van houten en polyester boten vormen de zeiltekens en -nummers een handig houvast. Met het programmaboekje bij de hand kan bijvoorbeeld worden achterhaald wat voor boot vaart met een blauw of rood driehoekje in het zeil. Dat is een Pampus. Ziet u daaronder het cijfer 1, dan is dat de oudste boot van de klasse. De Pampus 1 is 88 jaar oud, maar zeilt in handen van eigenaar-stuurman Jeroen de Groot (botenbouwer van beroep) voorin mee. De Groot is, in drie klassen, al negen keer Nederlands kampioen geworden.

Ziet u een zeil met daarop een stralend rood zonnetje, dan mag u die boot gerust een Laser noemen. Officieel is het sinds kort ILCA, maar die afkorting gebruikt bijna niemand. De zeilers beschikken over een banenkaart, waarop de 25 boeien staan afgebeeld die verspreid liggen over de Snitser Mar (Sneekermeer) en de aangrenzende Puollen (Poelen). Op die kaart staan 14 hoofdroutes, de wedstrijdbanen. Per dag, afhankelijk van de windrichting, wordt de zeilers gemeld welke baan zij gaan varen. Dat wordt op het startschip aangegeven met letters (A tot en met O) en kan tot vlak voor de startprocedure, door draaiende wind, wijzigen. Een baan is ongeveer 15 kilometer lang en kent ook twee kortere varianten.

Onderweg komen de zeilers gekleurde en genummerde boeien tegen. Boeien met oneven nummers zijn oranje van kleur en moeten bakboord worden gerond. Boeien met even nummers zijn geel en dienen stuurboord (met de r van rechts) te worden gerond. Als in een klasse de eerste boot is gefinisht (dat kan vanaf het Starteiland bij de wedstrijdtoren mooi worden gevolgd), heeft de rest nog een uur. Wie langer werk heeft, wordt niet in de uitslag opgenomen.

Om aan de Sneekweek (dit geldt voor alle officiële zeilseries) mee te mogen doen, moeten de booteigenaren beschikken over een geldige meetbrief. Die is afgegeven door een ‘meter’ van het Watersportverbond, die de boot heeft ‘gemeten’ (gekeurd). Hij houdt zich daarbij aan de door de zeilklasse-organisatie voorgeschreven regels inzake de afmetingen van de boot, het gewicht, het materiaal en de grootte van de zeilen. Het is voorgekomen dat een zelfgebouwde boot niet door de meting kwam omdat hij welgeteld 3 millimeter te groot was…

Nieuws

menu