Pas op de plaats bij verbreding sluis Afsluitdijk: bouwproblemen en verzilting IJsselmeer spelen project parten

Kornwerderzand bij de Afsluitdijk. FOTO RIJKSWATERSTAAT

Er komt een pas op de plaats bij de verbreding van de sluis in de Afsluitdijk. Drie betrokken provincies hebben dat afgesproken met minister Mark Harbers.

Friesland, Overijssel en Flevoland spraken dinsdag over het project met de minister van Infrastructuur en Waterstaat. Er lagen twee recente problemen op tafel: de verzilting in het IJsselmeer en de prijzen en toeleveringsproblemen in de bouw.

Wat verzilting betreft is duidelijk dat het ontwerp anders moet. Aanvankelijk was een zogenoemde stand still afgesproken: de verbreding van de sluis mocht niet voor méér verzilting zorgen dan nu het geval is.

Recent is duidelijk geworden dat de sluis voor meer verzilting zorgt dan gedacht. Die verzilting levert risico’s op voor de drinkwaterwinning bij Andijk (Noord-Holland). Daarom moet het ontwerp nu anders: in plaats van een stand still moet de nieuwe sluis er nu voor zorgen dat mínder zout water het IJsselmeer in gaat. Onderzoeken naar verzilting en mogelijke oplossingen zijn naar verwachting eind dit jaar klaar.

Een tweede probleem heeft te maken met de bouw zelf. De prijzen in de bouw lopen momenteel hard op, mede door de hoge energieprijzen, en daarnaast zijn sommige materialen niet of nauwelijks leverbaar. De komende tijd moet worden gekeken hoe ook dat kan worden ondervangen, vooral dus wie voor welke extra kosten opdraait.

De provincie staat formeel garant voor tegenvallers bij het project, dat 180 miljoen euro moet kosten. ,,Maar het rijk begrijpt ook wel dat dit niet allemaal voor rekening van de provincie kan komen”, aldus gedeputeerde Avine Fokkens.

Het blijft wel de bedoeling dat de sluis uiterlijk in 2028 kan worden geopend. Eerder werd gehoopt dat dat een paar jaar eerder zou kunnen, maar dat lijkt er nu niet meer in te zitten.

Nieuws

menu