Kleur in plaats van grijs in Pier Pander Museum, honderd jaar na de dood van de beeldhouwer

Honderd jaar na de dood van beeldhouwer Pier Pander is zijn museum in Leeuwarden opgefrist. Er is nu kleur, in plaats van grijs, en het is een grote sprong voorwaarts.

Zaal uit het Pier Pander Museum, nu met kleur. FOTO LC

Zaal uit het Pier Pander Museum, nu met kleur. FOTO LC

H et Pier Pander Museum in Leeuwarden is het eerste museum in Nederland dat gewijd is aan het werk van één kunstenaar. Het is maar klein, het zit in een vleugel aan het gebouw dat nu De Koperen Tuin heet, in de Prinsentuin in Leeuwarden. Ontwerper Gert Jan Slagter noemt het ,,eerder een paviljoen dan een museum, maar wel een prachtige ruimte’’.

Alles draait er om Pier Pander (1864-1919), de in Drachten geboren kunstenaar die tijdens zijn korte leven werd bestempeld als ‘Neerlands meest beroemden beeldhouwer’. Zijn atelier in Rome was een pleisterplaats voor bezoekende hotemetoten, koningin Wilhelmina beschouwde hem als een persoonlijke kennis, zijn vriend Louis Couperus schreef over hem.

Als schooljongen was Pander al een verdienstelijk kunstenaar. In het naar hem genoemde museum in Leeuwarden staat het klompbootje van klei, dat hij maakte toen hij 11 was. In Een jongetje op een schip , de levensbeschrijving die Pander op zijn 45ste schreef, vertelt hij hoe hij als kind kneedde met losgekrabde stopverf en spaarde voor zijn eerste zakmes van een stuiver en daar van alles mee sneed uit fruit en groente.

Hij ‘sneed van zoo’n wortel ook wel eens een kop, een man bijvoorbeeld met zwaren baard en onheilspellenden wenkbrauwen. Dit deed hij tersluiks, want hij was in die dagen schuw en als er iemand naderde stak hij ’t in zijn zak’. Later, schrijft hij, at hij het op: ‘Aleen de maag kon er nog plezier van hebben.’

R olstoel

Pan der is geboren op het scheepje van zijn ouders, die zich door de schoolmeester en de dominee lieten overtuigen de jongen een kunstopleiding te laten volgen. Hij werd opgeleid in Amsterdam en Parijs en won op zijn 21ste de Prix de Rome voor beeldhouwkunst.

Een erg gezonde man was Pander niet. Door een abces aan zijn been belandde hij in een rolstoel, maar dat belette hem niet met zijn verpleegster Clara de Kanter in Rome te gaan wonen. In 1919 overleed hij, aan tuberculose, nog maar 55 jaar oud.

De tempel met een symbolische beeldengroep, waar hij al meer dan twintig jaar van droomde, heeft hij nooit gezien: die werd vijf jaar na zijn dood gebouwd in de Prinsentuin in Leeuwarden. In datzelfde park kwam, in 1954, ook dit Pier Pandermuseum.

Maar al tijdens zijn leven was het soort academische kunst dat hij maakte uit de mode geraakt. Zijn verstilde, tere, vreedzame figuren zijn ambachtelijk knap gemaakt, daar is iedereen het over eens. In zijn tijd was dat in zwang, maar in onze ogen is het ook krachteloos en week. Totaal anders dan het werk van zijn tijdgenoot Rodin, om maar eens iemand te noemen.

'Alleen de maag kon er nog plezier van hebben'

Het museumpje (uit 1954) en de tempel met vijf beelden verderop in de Prinsentuin (uit 1924) zijn dan ook jarenlang ‘in bongel oan ’e poat fan de stêd’ geweest, zoals Pieter de Groot het omschreef. Slecht onderhouden, weinig belangstelling voor.

In 2007 was er een omslag, met een tentoonstelling in het Fries Museum (36.000 bezoekers), die ook naar Rome verhuisde. En er verscheen een biografie, geschreven door Marcel Broersma. Het tempeltje kreeg een opknapbeurt en grafisch ontwerper Wim Crouwel nam het museumpje onder handen. Hij gafalle zaaltjes grijstinten. Een beetje statig was dat en zeker een verbetering. Vorig jaar trok het museumpje 4157 bezoekers.

K leuren

He t museum is nu weer onder handen genomen, ditmaal door ontwerper Gert Jan Slagter. Conservator Janneke Visser wilde meer werk laten zien – er liggen zo’n vierhonderd objecten in depot – en Pander nadrukkelijker in zijn tijd plaatsen. Dus: meer foto’s en verhalen. Vorig weekeinde ging het open en het is een treffende verandering. Van het verstilde grijs naar nadrukkelijke kleuren: groen, blauw, oranje en bordeauxrood.

,,Mijn eerste gedachte was, we gaan alles wit schilderen’’, zegt Slagter. Hij kent het paviljoen al lang. Hij heeft er zelf in de jaren tachtig geëxposeerd toen hij deel uitmaakte van kunstenaarssgroep De Vier Evangelisten. ,,Dat zou zijn of je een wolk binnenloopt. Maar dan moesten de vloeren ook wit en dat mag niet, want het is een monument.’’

Dus werd het dit. Het is ingedeeld in vijf kabinetten. Het begin (lichtgroen), Rome (donkerblauw), In opdracht (oranje – ook vanwege Wilhelmina en haar familie), Vrij werk (een lichter soort blauw) en tempel (donkergroen - ,,Prinsentuingroen’’, noemt Slagter het).

In de laatste zaal, Atelier, is alles donkerrood. Dat haalde Slagter uit een foto van Pander in zijn atelier, waar zware velours gordijnen hangen. De foto is zwart-wit, maar de associatie is dat zulke gordijnen rood zijn. De muren zijn niet helemaal geschilderd, er zitten grote kleurvlakken op.

Zo hangt tegenover een buste van Wilhelmina een reeks reliëfs van mensen in een oranje cirkel. Dat werkt zo goed, dat je je afvraagt waarom ze dat niet eerder hebben gedaan. Voor het eerst valt het portretje op van wonderkind Willy Ferrero, die al op zijn vierde een orkest dirigeerde, of de dikke kop van Jan Volkert Wierdsma, de president-directeur van de Holland Amerika Lijn. De bleekwitte gipsen beelden van Pander springen bijna naar voren tegen zo’n blauwe of groene achtergrond.

In alle zaaltjes staat ook meer werk dan voorheen, zoals het nogal afwijkende, verwrongen beeld Het gebed van de ontwetende , dat hij in 1888 maakte als een soort weddenschap. Op de Ecole des Beaux-Arts in Parijs was onder studenten de nieuwe, realistische stijl in – zie Rodin en anderen – en Pander had gezegd: ,,Dat is veel makkelijker te maken dan klassieke kunst.’’ Doe het dan maar, zeiden de anderen, en dat leverde dit op, naar een gedicht van Multatuli.

Het is een interessante gedachte wat er met Pander zou zijn gebeurd als hij ook met zulk realistisch werk door was gegaan, maar hij heeft nooit weer zoiets gemaakt.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland