Geen kind op Helgoland dat nog Halunder spreekt

Eschi Waldemath.

Dit weekend is Helgoland het podium voor het grote driejaarlijkse culturele treffen van Friezen uit Nederland en Duitsland, het zogeheten Friesendroapen. Maar van de 1300 inwoners beheersen er misschien nog maar zo’n honderd het Halunder, het Friese dialect dat van oudsher op het rotseiland in de Noordzee wordt gesproken.

‘Ik snakke Halunder’, staat op de sticker naast de voordeur van Eschi Waldemath, die ook de Helgolandse vlag heeft uithangen. ,,Ik ben verankerd met het Halunder”, zegt de 82-jarige Helgolandse. Als kind maakte zij in 1945 de evacuatie mee van de eilandbevolking naar het vasteland. Die moest zich uit de voeten maken voor een bombardement van het eiland – toen een marinesteunpunt van de nazi’s –door de Britse luchtmacht. Pas in 1952 kon ze terugkeren naar het eiland. ,,Toen kon ik weer Halunder spreken en zo is het altijd gebleven”, zegt Waldemath.

Ook Piet Meinhardt, SPD-raadslid op het eiland, is met de taal thuis opgegroeid. ,,Als ik met een collega Halunder praat, heb ik het vaak niet eens door, omdat ik denk in die taal. Het gaat vanzelf. Dat merk je pas als anderen gek naar je staan te kijken.”

Een handvol sprekers

Het Friese dialect is overal op wegwijzers en straatnaambordjes zichtbaar, maar het aantal sprekers op het eiland neemt zienderogen af. Meinhardt – een zestiger – schat dat er van zijn naoorlogse generatie nog drie, hooguit vier goede sprekers van het Halunder zijn. ,,In de tijd van mijn ouders en grootouders heeft de taal de gemeenschap bij elkaar gehouden. Maar de samenleving is veranderd. Men bedient nu de toeristen en praat Hoogduits.”

Hoe minder het werd gesproken, des te meer werd het onderzocht, vooral door de begin dit jaar overleden Zweedse frisist Nils Århammar. ,,Hy gie geregeldwei nei it eilân ta om mei sprekkers fan it Halunder te praten”, herinnert historicus Oebele Vries van de Fryske Akademy zich. ,,Dan kaam er entûsjast werom, want dan hie er wer nije wurden ûntdutsen. It wie in klap foar him doe’t de bêste sprekker dy’t er op it eilân hie, stoarn wie. As wie der in hiel belangryk argyf ferlern gien.”

Niet meer in onderwezen

De taal wordt sinds enkele jaren ook niet meer onderwezen op de basisschool op het eiland. De laatste taalonderwijzer ging na 35 jaar met pensioen. Een enquête van de James-Krüss-Schule wijst uit dat onder de huidige 77 leerlingen niemand meer Halunder spreekt. Welgeteld drie ouders en zestien grootouders van leerlingen spreken de taal.

,,Ik probeer voortdurend Halunder terug in het onderwijs te krijgen, maar ze zeggen dat er ook moet worden gezongen en een gezond ontbijt moet worden gemaakt”, zegt Waldemath. ,,Maar ook gezond ontbijt kun je in het Halunder maken”, vult Meinhardt aan.

Directeur Marcus Tandecki van de basisschool toont zich welwillend. ,,De Helgolander cultuur is erg belangrijk voor ons. In de zomer zullen we met de gemeente en docenten kijken hoe we de taal weer kunnen aanbieden op school.”

Nieuws

menu