Duurzaamheidstip | Kontjes in de grond

FOTO PIXABAY

Hoe vaak per jaar gooi je wel niet een bosje lente-ui in je boodschappenmandje? Tien keer? Twintig? Thuis fijnhakken, versnipperen op een broodje pindakaas of een frisse salade en de kontjes zo - hup! - de kliko in. Of dan toch je composthoop. Terwijl in die kontjes nog zoveel levenskracht rust.

Zet de afgesneden kontjes eens in een potje met grond en vochtige aarde. Of gewoon direct in je tuin. De kontjes blijven uitlopen en je meer lente-ui geven dan je voor mogelijk had gehouden. De supermarktbosjes laat je voortaan lekker links liggen.

Wie: de schrijver van dit stukje.

Wat: zet kontjes van groenten in de grond.

Deze tip werkt ook met prei, het grote broertje van de lente-ui. Zet die glanzend witte preikontjes in de aarde en wachten maar. Zie je scheuten uit je stukje gemberwortel komen? Hop hop, in de aarde ermee. Als je ze afdekt gaat het sneller.

De kontjes van kroppen sla werken ook perfect. Staat zo’n zelfgekweekte krop eenmaal glimmend van trots in een keukenpotje, dan kun je gewoon plukken wat je nodig hebt in plaats van dat je meteen een hele krop moet opeten.

Wist je dat het met ananas ook werkt? Deze tropische vrucht heeft natuurlijk veel zon nodig, maar het binnenste van de kroon kun je een weekje in water hangen. Dan zouden er wortels moeten ontstaan en kun je de kroon in een pot zetten.

Met al deze kennis ga je ook heel anders kijken naar de uitlopers van je uien, knoflook en aardappels. De grond in ermee! Overdaad zal je deel zijn.

Suggesties voor deze rubriek? Mail naar tips@lc.nl

Nieuws

Meest gelezen