Coronapatiënt Ilse uit Oldenzaal werd wakker aan de beademing in Heerenveen: 'Mijn mobieltje werd mijn lifeline'

Ilse Tijdhof-Olde Dubbelink (50) uit Oldenzaal werd een paar weken geleden wakker aan een beademingsmachine op de intensive care van ziekenhuis Tjongerschans in Heerenveen. Vrijwel alle coronapatiënten aan de beademingsbuis worden in slaap gehouden, maar zij appte, mediteerde en zag ,,een soort slootwater’‘ uit haar longen komen.

Ilse Tijdhof uit Oldenzaal belandde met corona op de intensive care van ziekenhuis Tjongerschans in Heerenveen. Ze is nu aan het revalideren en loopt elke dag kleine stukjes in de tuin.

Ilse Tijdhof uit Oldenzaal belandde met corona op de intensive care van ziekenhuis Tjongerschans in Heerenveen. Ze is nu aan het revalideren en loopt elke dag kleine stukjes in de tuin. FOTO EMIEL MUIJDERMAN

Ze klinkt blij. Ilse Tijdhof-Olde Dubbelink liep alweer zeven keer met een rollator heen en weer door haar eigen tuin. ,,Mijn beentjes zijn nog wel bibberig hoor, maar ik heb bijna 500 meter afgelegd. En nu lig ik lekker thuis op bed met de telefoon.’’

Op 26 december belandde de fysiotherapeute uit Oldenzaal op de intensive care van ziekenhuis Tjongerschans in Heerenveen. Ze kreeg een buis in haar keel waardoor ze niet kon praten, haar ademhaling werd geregeerd door een machine en haar mobieltje was haar reddingsboei.

Bijna iedereen aan een beademingsmachine wordt in een kunstmatige coma gebracht, maar na de eerste nacht werd Ilse langzaam wakker gemaakt. ,,Veel patiënten worden onrustig en proberen de tube uit hun keel te trekken, maar ik reageerde kennelijk goed.’’

Een keer maar voelde ze ,,een paniekaanvalletje’’ aankomen. ,,Ik weet nog dat ik toen dacht: Ilse, wat zeg je altijd tegen je eigen patiënten als ze zich onrustig voelen? Dan zeg je dat ze dat aan hun arts moeten vertellen. Dus dat deed ik en het hielp meteen.’’

Besmet tijdens een autoritje

Ze weet precies wanneer ze besmet raakte. Dat was in december, toen ze met haar zus in de auto van Oldenzaal naar een begrafenis in Weerselo reed. Het was een ritje van niks. Ze deden er hooguit 10 minuten over en ze waren ook nog eens heel voorzichtig.

De zussen, allebei fysiotherapeut, droegen mondkapjes en zetten de autoramen op een kier. Maar achteraf bleek haar vijf jaar oudere zus zonder het te weten toch covid te hebben, zegt Ilse en kort daarna werd ook zij ziek. De eerste dag had ze alleen keelpijn en was ze licht verkouden. De tweede dag probeerde ze het virus ‘met vier keer per dag twee paracetamolletjes’ in bedwang te houden maar ’s avonds bleef haar temperatuur onveranderd op 39,8 graden steken.

Zeven dagen lang modderde ze aan tot ze bijna niet meer van de trap af naar de wc kon. Daarna lag ze op de reguliere coronaverpleegafdeling in het Medisch Spectrum Twente in Enschede. En toen het daar te druk werd besloten de artsen dat ze stabiel genoeg was voor een verhuizing naar de coronaverpleegafdeling van ziekenhuis Tjongerschans in Heerenveen.

Heerenveen? Ze was er nog nooit geweest. ,,Maar dat maakte me niks uit. Als je een keer ligt, lig je prima. Als mensen aardig en lief tegen je zijn is het overal goed.’’

‘Wat rijdt de ambulance hard’

Ze herinnert zich haarscherp hoe ze in de ambulance onderweg naar Friesland naar het gezicht van de ziekenbroeder keek die boven haar lijf met ,,allerlei knopjes bezig was’’. Toen ze uit Enschede vertrok kreeg ze 4 liter zuurstof per minuut toegediend. Bij aankomst in Heerenveen was dat opgelopen tot 8 liter, zo ongeveer het maximum wat de zuurstofbril aankan.

Droog: ,,Ik weet nog dat ik dacht: sjeeeeeezus, wat rijdt die ambulance hard, zou het blauwe licht aan zijn? Ik probeerde door de raampjes te kijken maar ik zag niks. Ik voelde alleen wel dat de auto elke keer héél hard optrok.’’

Thuis, in Oldenzaal, volgden haar man Gerard, zoon Ruben en dochter Maud het spoor van haar iPhone. ,,Onze telefoons zijn altijd met elkaar verbonden, zodat we van elkaar kunnen zien waar we zijn’’, zegt Ilse. Maar haar gezin had geen idee dat ze in de voortsnellende ziekenwagen zo hard achteruit kachelde. Toen ze meteen na aankomst in Heerenveen in de scan werd geschoven bleek ze ,,twee dikke vette covidlongen” te hebben.

In een streep ging ze door naar de intensive care. Een verpleegkundige vertelde Ilse dat ze in coma zou worden gebracht en aan een beademingsmachine zou worden gelegd. ,,Daarna gaf ze me een telefoon en zei ze dat ik Gerard moest bellen.’’

Ze stokt even. ,,Dat vind ik het ergste wat mij in Heerenveen is overkomen. Ik had niet het besef; dit is het einde, maar het was natuurlijk heel emotioneel. Ik zei: ‘Ik ga naar de ic, je wordt vanavond gebeld en ik weet niet wanneer we weer met elkaar kunnen praten’.’’

Haar man en kinderen bleven machteloos achter in Oldenzaal en hielden er rekening mee dat Ilse vijf tot veertien dagen in coma zou worden gehouden, maar de volgende ochtend bliepte ineens de telefoon van Gerard. Vanaf haar beademingsbed liet ze van zich horen.

,,Ze schrokken zich thuis het apelazerus. Gerard begreep er níks van. Die belde in alle staten de ic. Maar ik was langzaam wakker geworden, zag mijn telefoon liggen en dacht: goh, ik kan wel even appen.’’ Ze kon haar hoofd niet draaien omdat er een buis in haar keel zat en een pomp blies zuurstof in haar lichaam maar via de telefoon kwam de gewone wereld toch dichtbij.

Buikademhaling van de yoga-les

Ze kreeg bijvoorbeeld een berichtje van haar schoonzus die haar wees op een meditatie- en yoga-app. ,,Daar heb ik veel aan gehad’’, zegt Ilse. Net als aan de diepe buikademhaling die ze leerde op yogales.

Eigenlijk wel ironisch, vindt ze, dat haar telefoon ineens zo belangrijk voor haar werd. ,,Normaal gesproken lag hij altijd ergens onderin mijn tas en op mijn werk stopte ik hem tot ergernis van mijn man altijd in de kluis. Maar op de ic werd mijn mobieltje mijn lifeline.’’

Vijf lange dagen lag ze bij kennis aan de beademing. Ze stak haar duim op naar de verpleging, typte vragen en antwoorden op haar telefoon en probeerde zo kalm mogelijk te blijven. ,,Het is topsport hoor, om aangesloten te zijn op een beademingsapparaat. Je zweet enorm en je hartfrequentie is heel hoog.’’

Af en toe moest het filter worden vervangen en ging de machine even uit. ,,Dat was de eerste keer best spannend. Je bent toch afhankelijk van dat apparaat, maar als het vaker gebeurt weet je dat het niet langer dan een paar seconden duurt. Daar vertrouw je dan maar op.’’

En verder appte ze dus, deed ze haar best op haar buikademhaling, keek ze televisie (,,nieuws en sport en later ook de bestorming van het Capitool’’) en regelde ze hier en daar wat dingetjes.

De pincode van tante

Ze piekerde bijvoorbeeld over haar tante van 93 die op een gesloten afdeling woont en van wie ze de zaken behartigt. ,,Ik heb mijn dochter geappt: ‘Die en die rekeningen van tante moeten betaald worden, de pinpas ligt daar en dit is de pincode’.’’

Ja, die code wist ze nog. Die zit er blijkbaar in geramd. Maar andere dingen vergat ze weer. ,,Ik dacht zelf dat ik heel helder was maar dat was natuurlijk helemaal niet zo. Soms zei ik tegen Gerard: ’Ze leggen me hier niks uit’. Maar ze legden me alles continu uit. Ik kon het alleen niet onthouden.’’

Het was een vreemde wereld waarin ze lag, vol machines en in plastic gehulde mensen. ,,Maar de verpleegkundigen en artsen hadden foto’s van zichzelf op hun pak geplakt waardoor je toch een beetje kon zien wie ze waren.’’

En vanuit haar ooghoeken keek ze soms met verbazing naar haar eigen lijf en alle handelingen die eraan werden verricht. ,,Soms moest de tube worden uitgezogen en dan zag ik drab uit mijn longen komen. Met korreltjes erin. Ik dacht: jeeeeee wat een viezigheid. En ik rook niet hè? Ik heb geen nicotinelongen.’’

Echtgenoot van top tot teen in plastic

Tien dagen lang lag ze op de ic, drie keer per week mocht ze iemand ontvangen. Gerard was natuurlijk de eerste. ,,Hij was van top tot teen in plastic ingepakt, maar we hebben elkaars hand vastgehouden en elkaar aangekeken.’’

Vlak niet uit hoe vermoeiend zo’n visite aan de ic voor bezoekers is, zegt ze. ,,Het is heel emotioneel en Gerard is een keer onwel geworden omdat hij onder alle plastic beschermlagen een dikke trui droeg. Als hij naar me toe ging was hij trouwens vijf uur kwijt. De afstand Oldenzaal-Heerenveen is anderhalf uur rijden en voordat je op de ic mag komen moet je je uitgebreid aan- en daarna weer uitkleden.’’

Naast het bed van Ilse was het alsof je in een broeikas zat. ,,Mijn man en dochter hielden het niet een uur vol, zo warm was het. Alleen mijn zoon kon ertegen.’’

En eindelijk, na vijf dagen, werd de tube uit haar keel gehaald. ,,De volgende dag kon ik weer iets uitbrengen en daarna kwam er elk uur een beetje geluid bij.’’ Weer vijf dagen later was ze genoeg hersteld voor een verhuizing naar de de gewone verpleegafdeling. ,,Toen ik van de ic afging heb ik even naar links gekeken. Ik dacht: o, wat heb ik een geluk gehad. Ik zag mensen die echt heel ver weg waren.’’

Eten kostte in het begin veel energie. ,,Daarna was ik gewoon kapot. Van al dat slikken ga je gigantisch zweten. Maar je weet; als ik genoeg eet kan de sonde eruit. En als je 24 uur geen extra zuurstof nodig hebt gehad, mag je naar huis.’’

‘De lucht voelde zó fris, zó schoon’

Op 9 januari werd ze door Gerard in een rolstoel het ziekenhuis uitgereden. Het was mistig en memorabel. Het was een aardverschuiving. ,,Ooo, het was alsof de lucht in Heerenveen véél zuiverder was dan die in Twente. Het voelde zó fris, zó schoon. Ik deed mijn mondkapje af, haalde een keer goed diep adem en voelde die heerlijke lucht naar mijn buik gaan.’’

,,Maar er ligt nog een weg voor me. Je hoort weleens zeggen dat je voor iedere dag op de ic een maand herstel moet rekenen. Als dat klopt, moet ik minimaal vijf maanden revalideren en er zijn ook mensen die richting een jaar gaan. Maar ik ben een optimist. Altijd geweest. En ik zit in de goede tijd hè? Er is een lockdown. Ik mis niks.’’

Als fysiotherapeut werkt ze net over de grens in Duitsland soms met mensen die thuis aan de beademing liggen. ,,Ik denk dat ik me nu nog beter in ze kan inleven. Ik weet nog dat ik ooit tijdens carnaval in een dirndl-kostuum bij bij zo’n patiënt aan zijn bed stond. We hebben zoveel lol gehad. Hij kon alleen maar liggen maar ik deed tenminste nog gek met hem. Dat is heel belangrijk, weet ik nu nog beter. Aan medelijden heb je niks.’’

,,Misschien krijgt ik geestelijk nog een gigantische tegenslag hoor’’, zegt ze, maar nu is ze bovenal blij. ,,Ik ben gewoon weer lekker met mijn gezin thuis. We kletsen, we drinken koffie, ik lig in een bed in de woonkamer en zo nu en dan komt een van de kinderen bij mij liggen. Heerlijk. Dan heb ik mijn zoon van 21 of mijn dochter van 19 in mijn armen.’’

,,Of ik aan de beademingsmachine aan de dood heb gedacht? Nee, pas na een of twee dagen dacht ik: oh jongens, ik had er niet meer kunnen zijn. Maar daar had ik dan niks van gemerkt. Dat krijg je zelf weinig van mee. Bovendien kijk ik liever naar alle positieve dingen die daarna gebeurden. Ik heb alleen maar warmte ervaren. En de verpleegkundigen en de artsen in het ziekenhuis lopen zich de náád uit het lijf. Die hebben het immens zwaar. Wat dat betreft kijk ik met verbazing naar de wappies die de kracht van het coronavirus nog steeds ontkennen. Soms krijg ik ook reacties van bekenden die zeggen: ‘Dat het zo erg was, dat wist ik niet’. Dan denk ik: schrik maar. Want er hoeft maar dit te gebeuren en je leven ziet er heel anders uit. Je hoeft maar vette dikke corona te krijgen en je bent zomaar een half jaar verder.’’ Ze is opgewekt. Straks gaat ze weer even heen en weer door de tuin lopen. ,,Als ik elke dag 50 meter extra doe ben ik in twee dagen weer 100 meter verder. Zo is het toch?’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Coronavirus
Aanrader van de redactie
Instagram
Medische gezondheid