Bisschop Van den Hout: Bonifatius inspireert nog steeds

In Dokkum was zondag weer de jaarlijkse Bonifatiusdag in de Bonifatiuskapel. In een, door corona, afgeslankt programma vertelde bisschop Ron van den Hout (56) over de heilige. Kunnen we vandaag de dag nog van hem leren?

Bisschop Ron van den Hout verlaat geflankeerd door acolieten de Bonifatiuskapel.

Bisschop Ron van den Hout verlaat geflankeerd door acolieten de Bonifatiuskapel. FOTO JAN SPOELSTRA

De Bonifatiusdag was dit jaar wat ‘oars as oars’. Wegens corona was er geen meerdaags oecumenisch programma en dus bijvoorbeeld geen processie van de Bonifatiuskerk naar de kapel, waar de protestantse kerken in Dokkum normaal gesproken ook aan mee werken. ,,Toch blijft het een bijzondere dag”, zegt bisschop Van den Hout (Bisdom Groningen-Leeuwarden), als ik hem op voorhand spreek.

,,De Engelse Bonifatius was een echte missionaris. Een gedreven monnik die net als veel geestelijken in Engeland en Ierland naar het vaste land wilde, om het christendom daar te verspreiden in de heidense streken. Friesland was zo’n streek. Op ons continent stichtte hij kloosters en bisdommen en stond daarom ook bekend als de eerste bouwheer van Europa. Ik denk dat hij een belangrijke rol heeft gespeeld in de verspreiding van het christendom.”

Opvoeding in het klooster

Bonifatius werd rond 672 geboren in het zuidwesten van Engeland. Toen hij zeven jaar was, ging hij het klooster in. ,,Dat kunnen we ons nu niet meer voorstellen natuurlijk, maar destijds was dat normaler. Ik denk dus dat het niet eens zoveel over zijn karakter zegt, maar meer over de cultuur van die tijd. Je kunt het vergelijken met kinderen die in de vorige eeuw nog naar een internaat werden gestuurd. In het klooster kreeg hij zijn opvoeding en ontdekte hij de kerkelijke wereld.”

Op zijn dertigste werd hij priester en wilde hij graag mensen bekeren die een Germaanse godsdienst aanhingen. Daarom ging hij in 716 voor het eerst naar Friesland, maar door politieke moeilijkheden moest hij onverrichter zake terugkeren. Hij kreeg een nieuwe opdracht van de Paus en werkte twintig jaar lang in Duitse gebieden, in het huidige Hessen en Thüringen.

In 754 wilde hij, op hoge leeftijd, opnieuw proberen om de Friezen boven de rivieren te dopen. ,,Dat laat wel zien dat zijn oorspronkelijke motivatie nog steeds springlevend was. De Franken waren allemaal al bekeerd, maar de Friezen nog niet. En hij wilde natuurlijk zoveel mogelijk mensen kerstenen. Dat was in die tijd trouwens veel meer een volksgebeuren. Als een koning zich tot het christendom bekeerde, dan ging het hele volk mee.”

Bonifatius bij Dokkum vermoord

Bonifatius ging op 5 juni 754 (Pinksteren) naar een doopplechtigheid in Dokkum waar hij het vormsel zou toedienen. Daar werd hij door een groep gewapende Friezen vermoord. Na zijn dood werd hij meteen heilig verklaard.

Meer dan 1200 jaar later kan hij nog steeds een inspiratie zijn, vindt Van den Hout. ,,De band die hij had met de Paus in Rome vind ik zelf ook heel belangrijk, maar dan spreek ik natuurlijk als katholieke bisschop. Ik wil graag contact houden met de zetel waar Petrus op heeft gezeten. Die verbinding is van grote waarde volgens mij. In de tijd van Bonifatius was er op de Britse eilanden ook het Keltische christendom, dat op bepaalde punten sterk afweek van het katholicisme in Rome. De eenheid in de leer, die Bonifatius probeerde te bewerkstelligen vind ik belangrijk. Door cultuurverschillen zal de katholieke mis op bepaalde plaatsen natuurlijk net wat anders worden ingevuld en dat is mooi, maar ik denk dat we die eenheid in de leer wel moeten blijven zoeken.”

Maatschappelijke problemen oplossen

De verbinding met het katholicisme en religie over het algemeen verdwijnt langzamerhand volgens Van den Hout. Vooral in de politiek wordt het onderwerp volgens hem stellig vermeden. ,,Het wordt bekeken alsof het iets is wat achter gesloten deuren moet plaatsvinden en dat vind ik jammer. De overheid heeft kerken en levensbeschouwelijke instellingen juist nodig om problemen in de maatschappij mede op te lossen. De regering kan namelijk niet alles. Kerken zouden bepaalde zorgtaken op zich kunnen nemen bijvoorbeeld. In het verleden is dat niet altijd goed gegaan, maar daar kunnen we van leren.”

Daar komt volgens Van den Hout bij dat voor elk probleem niet meteen een pasklare oplossing is. ,,Ik denk dat als je in een God gelooft, je het beter op kan brengen om te zeggen: niet alles is maakbaar. Wij kunnen niet alles zelf. De overheid wil voor alles weer nieuwe regelgeving maken, waardoor veel mensen van de regen in de drup komen. Kerken en andere levensbeschouwelijke instellingen zouden een prominentere rol in de samenleving kunnen spelen, zodat die extra regelgeving niet nodig is.”

Strijd tussen kerk en staat

Het is eigenlijk een soort strijd tussen kerk en staat, concludeert Van den Hout. ,,Bonifatius had daar, op een andere manier, ook mee te maken. In zijn tijd vroegen mensen zich af: wie heeft er meer macht, de paus of de keizer? In die tijd konden vorsten nog bisschoppen aanwijzen. Kerk en staat waren eigenlijk met elkaar verweven. De scheiding tussen kerk en staat zorgt er vandaag de dag voor dat mensen in de politiek niet bepalen wie er leiding heeft in de kerk en dat de kerk niet bepaalt wie er leiding heeft in de politiek. Het is heel goed dat die scheiding er is, maar dat hoeft niet te betekenen dat je niet met elkaar kunt praten. Ja, we zijn burgers van de maatschappij, maar ook geestelijke wezens.”

De betekenis van Bonifatius’ levenswerk stond gisteren op de voorgrond in de overdenking van Van den Hout. ,,Toch is het voor mij vooral een mooie dag om katholieken en andere christenen te ontmoeten.”

Reageren? nynke.bruinsma@lc.nl

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Bewustzijn