Reisverslag van drie oude mannen die fietsen naar het einde van de wereld. Dag 7 begint met een nachtelijke overpeinzing van Luuk

Fietsen naar het einde van de wereld, dag 7. Hoofdfoto: Corné Sparidaens. Reisfoto's van Henk, Sjon en Luuk

Sjon Stellinga, Henk Hofstra en Luuk Hajema – alle drie de 60 gepasseerd – op de fiets voor een lange tocht naar Finisterre aan de Atlantische Oceaan. Daar waar de wereld ophoudt. Voor Dagblad van het Noorden en Leeuwarder Courant houden ze dagelijks een reisblog bij.

Fietsen doe je op eigen kracht. Elke meter die wij afleggen op weg naar Santiago veroveren wij zelf. Maar zo’n pelgrimsreis is ook een groepsprestatie, een oefening in samenwerking. Het vergt overleg, geduld, tact, empathie, begrip, doorzettingsvermogen, assertiviteit en incasseringsvermogen.

Henk, Sjon en ik fietsen een uur of vijf per dag naast, voor en achter elkaar. We drinken samen koffie, eten en drinken samen, praten, zwijgen en lachen samen. We zijn het vaak eens, maar soms ook helemaal niet en mopperen om elkaars onhebbelijkheden. Dat doen we nu zeven dagen en nachten. Bij leven en welzijn gaan we daar nog een week of vier mee door. Er zijn stellen die elkaar minder zien.

Niet alle nachten verlopen geluidloos

Soms staan onze bedden in één ruimte, soms slaapt een van ons apart, en de eerste nacht hadden we elk de luxe van een eigen slaapkamer.

Om een uur of elf gaan we gelijktijdig naar bed. Meestal. Soms ben ik wat later, zoals deze avond.

Al te intieme details zal ik de lezer besparen, maar ik kan wel verklappen dat niet alle nachten geluidloos verlopen. Sjon is nogal lawaaiig; een tevreden snurker. Hij gaat liggen, sluit de ogen en slaapt onmiddellijk in, met een langzaam aan kracht winnend gegrom.

De muggen hoor je evenmin

Daarom dragen Henk en ik een doosje Ohropax met ons mee: wasbolletjes die zijn ingepakt in een laagje watten. Als je de watten eraf plukt resteert een zacht, kneedbaar roze balletje, waarmee je de gehoorgang bijna hermetisch kunt dichtplamuren.

Het voordeel is dat je niets hoort. Ook de buren niet in onze Bed&Breakfast in Dun-sur-Meuse. En de muggen die hier op ons loeren evenmin. Henk heeft een rij grote jeukende bulten overgehouden aan een vorige ongestoorde nacht. Zelf ben ik tot nu toe de dans ontsprongen.

Maar ik vrees voor de nacht die komen gaat. Hier aan de oever van de Maas stikt het van de muggen. Henk probeert me gerust te stellen: ‘Als een mug kan kiezen gaat ze altijd op mij zitten.’

Nieuws

menu