Minister Carola Schouten: 'Nu ik niet meer naar de kerk ga, ervaar ik leegte'

ChristenUnie-politica Carola Schouten is niet het type minister dat als ze thuiskomt de knop kan omzetten en meteen kan slapen. Ze neemt beslissingen die anderen raken en dat weet ze maar al te goed. ,,De uitdaging is geestelijk voldoende gevoed te blijven worden.’’

ChristenUnie-politica Carola Schouten.

ChristenUnie-politica Carola Schouten. FOTO MALOU BREEVOORT

Als Carola Schouten aan een boerderij denkt, is het die van haar. Die waar ze opgroeide, in het Brabantse Waardhuizen. ,,Mijn herinnering aan die tijd is er een van warmte, van verbondenheid. Aan een gelukkige jeugd, ondanks alle pijn en verdriet.’’

De liefde waarmee de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en ChristenUnie-politica Carola Schouten (43) praat over de boerderij, staat in schril contrast met de haat die ze over zich heen krijgt van sommige boeren.

Bij haar aantreden kreeg ze de opdracht mee de landbouw in Nederland milieuvriendelijker te maken. Dat leidde tot protesten die nog eens werden versterkt toen het kabinet door de stikstofcrisis besloot boeren uit te gaan kopen. Schouten kreeg last van bedreigingen en wordt bij demonstraties uitgemaakt voor hoer en moordenaar.

Doen de verwijten extra pijn omdat uzelf een boerendochter bent?

,,Ik ken boeren van vroeger die echt teleurgesteld zijn in mijn beleid. Jongens die bij mij op school zaten, of die hun boerderij vlak bij de onze hadden. Dat vind ik erg. Als minister kun je niet iedereen tevreden stellen, dat weet je als je eraan begint. Maar als het om bekenden gaat, is het moeilijk.’’

Wat zegt u tegen hen?

,,Er is niet zo veel te zeggen. Dan staan er toch twee werelden tegenover elkaar. Ik ben een bestuurder die keuzes moet maken. Dat is mijn rol. En ik probeer rekening te houden met ieders belangen. Maar uiteindelijk moet ik een verandering aanbrengen in de landbouw. Uiteindelijk is dat dan mijn antwoord. Maar ik snap ook dat die mensen met dat antwoord niet meteen verder kunnen.’’

Schoutens ouders hadden een melkveehouderij. Als middelste van drie zussen groeide ze op tussen de koeien. Toen ze 9 was, nam haar leven een dramatische wending. Haar vader viel op het erf in een landbouwmachine en overleed. Hij werd slechts 47 jaar. Schouten had hem niet kunnen groeten voor ze die ochtend naar school ging, omdat hij al vroeg aan het werk was die dag. Met haar moeder en twee zussen zetten ze het bedrijf voort. Op haar 14de moest haar moeder de boerderij alsnog verkopen omdat haar gezondheid het zware werk niet meer toeliet.

U bent nooit meer terug geweest.

,,Omdat ik bang ben dat ik dan niet meer vind wat er ooit was. Als kind heb ik er ook heel veel mooie herinneringen liggen. Die beelden wil ik koesteren. Ik ben bang dat als ik terugga, dat beeld kapot gaat. Ik had ondanks de moeilijke omstandigheden een gelukkige jeugd. En natuurlijk denk ik bij die boerderij ook terug aan mijn lieve, zorgzame vader. Nu wonen er andere mensen. Ik wil dat niet zien.’’

Ook omdat die plek traumatisch voor u is?

,,Toch niet. Na het ongeluk hebben we er nog vijf jaar gewoond. Ik denk dat het ook goed was dat we niet meteen zijn weggegaan. Nu overheerst niet het drama als ik aan de boerderij denk, maar heb ik ook de mooie herinneringen aan mijn vader kunnen vasthouden. Ik heb ook mooie herinneringen aan de liefde die we kregen van al die mensen die kwamen helpen na het ongeluk. En aan de band die we kregen met elkaar: hoe ik en mijn zussen en mijn moeder elkaar vasthielden en samen weer een weg probeerden te vinden. Die herinnering is me heel dierbaar.’’

Wat heeft u geleerd van die periode?

,,De dood van mijn vader heeft me natuurlijk gevormd. Al is het lastig te zeggen hoe. Mijn kindertijd was direct voorbij. Ik moest meteen volwassen zijn. De boerderij moest door. Wat ik vooral van die periode geleerd heb, denk ik nu, is dat je de tijd die je is gegund op aarde serieus moet nemen. Daar moet je goed mee omgaan. Dat je goed moet zijn voor de mensen om je heen, want die zijn het belangrijkste.’’

Heeft u er last van dat u een deel van uw kindertijd heeft overgeslagen?

,,Ik merk steeds vaker dat ik emotioneel word als ik terugdenk aan die tijd. Alles was ineens een vaststaand gegeven: dingen gingen zoals ze gingen en je had er maar in mee te gaan. Als drie kleine meisjes moesten we ons verdriet een plaats geven. Als kind zou dat eigenlijk niet moeten. Verdriet is eenzaam. Er waren wel mensen om me heen, maar als kind kun je niet goed uitleggen wat je voelt. En we moesten ook alle drie meteen hard werken op de boerderij. Als je 9 bent, moet je lekker kunnen spelen en sporten. Niet al die zorgen hebben. Als ik nu terugkijk, denk ik: wat jammer.’’

Bent u zorgelijker geworden sindsdien?

,,Dat denk ik wel.’’

Mensen in uw omgeving zeggen dat u zo hard werkt omdat u het gevoel zou hebben het leed van de hele wereld te moeten torsen.

,, Zeggen ze dat? (Lacht.) Ik moet er beter op letten hoe ik overkom. Alles wat ik onderneem, doe ik wel heel serieus, ja. Maar ik weet niet of dat nou echt komt door de dood van mijn vader, het is ook gewoon mijn karakter. Alleen heeft die gebeurtenis het misschien wel versterkt.’’

Bent u streng voor uzelf?

,,Ik neem mijn zaken zeer serieus. Wat ik doe, moet goed gebeuren. Maar ik vind mezelf niet zwaarmoedig. Ik heb mijn zoon, nu 19, heel relaxed opgevoed. Wel hebben we discussies gehad toen hij voetballen een tijdje belangrijker vond dan school. Ik vind dat als je een goed stel hersens hebt, je die ook moet gebruiken.’’

De werkweken van de vicepremier duren al snel zo’n 80 uur per week. ,,Je begint ’s ochtends tussen 8 en 9 en bent ’s avonds tussen 10 en 11 uur klaar. En sinds maart hebben we op zondagen die Catshuissessies over de corona-aanpak. Als ik ’s avonds thuiskom, maak ik mijn belrondje nog met mijn medewerkers of partijgenoten. Om te ontspannen zet ik daarna nog Netflix op, The Crown of zo, maar meestal val ik halverwege in slaap.’’

Vandaag is ze uit haar werk nog langs de voedselbank in Rotterdam-West gereden, niet ver van haar huis. Haar is gevraagd binnenkort een nieuw filiaal te openen; er moet nog een gaatje in haar agenda worden gevonden. ,,Ik heb veel bewondering voor wat die vrijwilligers doen. Zelf zou ik graag meer voor mijn omgeving doen. Maar ik heb er gewoon te weinig tijd voor.’’

Thuis aan de keukentafel schenkt ze thee in. Ze is inmiddels vaker niet dan wel in haar appartement. ,,Eerlijk gezegd: ik merk door die zondagse kabinetsvergaderingen wel dat het heilzaam is een dag te hebben dat ik even nergens heen hoef. Hiervoor had ik op zondag ook altijd nog werk te doen, maar dat kon ik nog om familie en vrienden heen plooien. Door die Catshuissessies ben ik de hele dag weer weg. Maar het is niet anders. De crisis is zó groot...’’

U kunt nu ook niet meer naar de kerk.

,,Nee. Daar ben ik al heel lang niet meer geweest. Al was het door Covid toch al moeilijker geweest om elke week te gaan. In mijn kerk, de vrijgemaakt gereformeerde kerk hier in Delfshaven, kan maar een beperkt deel van de leden naar binnen nu. Ik heb de luxe dat ik elke dag mensen om me heen heb op mijn werk. Maar ik ken genoeg mensen die al maanden thuis zitten en er echt onder lijden dat ze zo weinig mensen zien.’’

Mist u het?

,,De uitdaging is om geestelijk voldoende gevoed te blijven worden. Als ik zondagavond thuiskom, kan ik digitaal de dienst nog wel terugkijken, maar ik moet ook koken. Ik ervaar daardoor echt leegte. Op zondag kon ik altijd stilstaan bij vragen als: hoe verhoud ik me tot een ander? En hoe verhoud ik me tot God? Wezenlijke vragen over vergeving en liefde. Dat zijn niet de dingen waar ik in het dagelijks leven als minister mee bezig ben.’’

In hoeverre laat u die vragen meewegen in uw werk?

,,Ik probeer altijd te denken wat er achter zit als iemand bijvoorbeeld iets lelijks over mij zegt. Neem die boerenprotesten. Ik keur niet goed wat er op die spandoeken staat: je moet altijd respectvol over een ander praten. Maar ik snap wel wat iemand drijft om zo’n spandoek te maken en daarmee naar Den Haag te rijden. Boeren voelen zich al heel lang niet gehoord. En dan komt het er wat onbeholpen uit. In Den Haag doen mensen vaak heel vriendelijk tegen je, maar hoor je achteraf dat ze iets lelijks over je zeggen. Dat vind ik veel erger.’’

Raken die spandoeken u dan niet?

,,In het begin raakten ze me. Maar op een gegeven moment – hoe raar het ook klinkt – wen je eraan. Ik weet dat boeren vooral een statement willen maken. De Haagse wereld hangt van codes aan elkaar van wat je wel en niet mag doen. Maar in de wereld daarbuiten gelden andere codes. Neem die actie waarbij Rob Jetten ’s avonds bezoek kreeg thuis van boeren. Al snel werd geoordeeld dat zij kwade opzet hadden. Maar ze wilden vooral hun punt maken. En dat begrijp ik wel. Al moet je dat natuurlijk niet bij iemand thuis doen. Thuis moet een veilige omgeving zijn.’’

Kunt u uw werk makkelijk loslaten?

,,Hmm, het is niet dat ik gebukt door het leven ga. Maar mijn beslissingen raken anderen. Dat kan ik niet zomaar van me af zetten. Ik ben niet het type minister dat na een werkdag de knop kan omzetten en dan meteen kan slapen. Ik vraag veel van mezelf. Als ik onder vrienden ben, kan ik ook momenten van lichtheid hebben. Maar de verantwoordelijkheid die ik heb, neem ik serieus.’’

Sinds kort heeft u ’s avonds niet meer alleen op de bank te zitten, toch? U heeft een nieuwe relatie.

,,Wat een nieuwsgierigheid! Ik ga er alleen over zeggen dat ik inderdaad gelukkig ben met iemand. Wij politici hebben ook recht op een privéleven.’’

Een partner is voor Schouten niet essentieel om haar leven zin te geven, zei ze eerder in een ander interview. ,,Ik heb mijn zoon Thomas en mijn familie die veel van me houden.’’ Ze ging naar Israël voor haar studie bedrijfskunde en kwam zwanger terug. Ze was toen 23. Dat ze al die tijd een alleenstaande moeder was, heeft haar levensgeluk niet in de weg gestaan, zegt ze. ,,Ik heb wel geleerd van die periode na mijn zwangerschap dat het een illusie is te denken dat je alles onder controle hebt. Er zullen altijd dingen zijn in je leven die anders lopen dan gedacht. Het is de kunst van het leven om met tegenslagen om te gaan. Uiteindelijk vind je wel weer een weg. Toen ik Thomas kreeg, was het echt niet makkelijk. Ik was alleen, studeerde nog, moest nadenken hoe ik aan geld kwam, aan een huis. Dat was zwaar. Maar uiteindelijk lukt het toch. En dat geeft je kracht.’’

Helpt uw geloof daarbij?

,,Ja. Ook in mijn werk. Neem de kwestie over het uitgebrande vluchtelingenkamp Moria, eerder dit jaar. Het kabinet besloot honderd mensen op te vangen. Dat was naar mijn mening onvoldoende. Dan moet je de keus maken: óf vuile handen maken, óf je handen er vanaf trekken. Uiteindelijk vond ik dat het niet om aantallen moest gaan maar om mensen. Je krijgt vanuit de hemel niet het antwoord ingefluisterd. Maar je vindt wel steun in je geloof. Het Bijbelboek Micha is belangrijk voor mij. Micha 6, vers 8: er is jou, mens, gezegd wat goed is: recht doen, trouw zijn en nederig de weg gaan die de Heer van je vraagt. Ook al krijg je hoon over je heen, je moet niet voor het electorale succes gaan, maar doen waarvan je denkt dat je anderen recht doet.’’

U bent degene in het kabinet die tegen andere ministers zegt rust te nemen. Doet u dat zelf voldoende?

,,Ja, ja, toch wel. Ik heb fijne mensen om me heen met wie ik kan delen waar ik mee zit. Ik kan ’s avonds laat mensen in mijn partij bellen om uit te razen; we hebben dezelfde werkuren. Als ik mijn moeder om kwart over 11 nog bel, denkt ze dat er iets ergs aan de hand is. Maar als ik Gert-Jan Segers bel, denkt hij: o, nog even de dag doornemen. Wat ik fijn vind, is dat mijn vrienden en familie niet in het Haagse zitten. Zij zien me alleen als Carola en letten erop dat ik niet verander. Dat ik nog steeds dezelfde zus, dochter of vriendin ben. Bij hen kan ik tot rust komen. Maar het is niet zo dat mijn leven aan elkaar hangt van hobby’s of zo.’’

Heeft u die wel?

,,Eh, pijnlijk dit. Als ik echt rust heb, lees ik graag. Maar dat lukt alleen als ik een goede vakantie heb. Dat is er al een tijd bij ingeschoten. Je werk is er altijd, dat heeft elke minister.’’

Uw zoon is het huis uit. Heeft u daar moeite mee?

,,In het begin zeker. Het was ineens zo stil! Ik moest mezelf dwingen voor mezelf te blijven koken nu dat niet meer voor hem hoefde. Toen hij nog thuis woonde, kwam het vaak genoeg voor dat hij al in bed lag als ik thuiskwam. Maar hij was er wel. Een kind brengt leven in je huis: vriendjes, sport, ander gedoe. Gelukkig is hij maar een paar straten verderop gaan wonen. Hij studeert aan de Erasmus Universiteit, net als ik vroeger. En op zondagen eet hij hier, dan hangen we samen op de bank en kijkt hij Feyenoord of Formule 1 terwijl ik voor het eten zorg. Ik heb hem nog steeds nodig. En hij mij ook.’’

Voelt het weleens eenzaam?

,,Ik heb momenten van eenzaamheid bij de beslissingen die ik neem. Ondanks alle mensen die je helpen, ben ik degene die een moeilijk besluit moet nemen en dat mensen moet vertellen. Die rol voelt weleens eenzaam.’’

Ik bedoelde: nu uw zoon het huis uit is.

,,Ooooh, wat zegt dat over mij dat ik bij zo’n vraag meteen aan werk denk? Eenzaam? Nee hoor, ik heb voldoende mensen om mij heen die mijn leven zin geven. Al is het in mijn functie lastig afspreken. Ik vraag veel van familie en vrienden: afspraken worden later of gaan helemaal niet door, omdat er weer wat tussendoor komt. Dat is het lastigste van minister zijn: ik vraag heel veel van mijn omgeving.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
Interview
Instagram