Nieuw boek over 200 jaar landbouwmechanisatie laat zien: Friesland liep voorop met pootmachine en melkrobot

Ploegen, tractoren, maaiers, schudders, transporteurs, opraagwagens, giertanken, kunstmeststrooiers, zaai-, poot- en oogstmachines en wat al niet, het komt allemaal aan bod in het boek 200 jaar Friese landbouwmechanisatie.

Scan Aan Dirk van der Meulen. Landbouwmechanisatie

Scan Aan Dirk van der Meulen. Landbouwmechanisatie

Ruim tien jaar lezen, speuren, selecteren en schrijven. Maar dan heb je ook wat. Het boek 200 jaar Friese landbouwmechanisatie over de landbouwmechanisatie in onze provincie is een kloek naslagwerk geworden met 416 pagina’s lees- en kijkplezier. Auteur van het boek is Henk Dijkstra (62) uit Nijland, sinds 2005 de directeur van het Fries Landbouwmuseum in Leeuwarden.

De aanleiding voor het boek was in 2009 de komst van een landbouwwagen van de bekende werktuigenfabrikant Miedema in Winsum naar het landbouwmuseum, dat toen nog in Earnewâld gevestigd was. ,,Gerrit Herrema út Holwert (vrijwilliger Landbouwmuseum) en ik fregen ús doe ôf hoefolle fan dy fabrikanten der eins west hawwe yn Fryslân.”

Die zoektocht, samen met andere belangstellenden, verbreedde zich al rap naar alle machines en arbeidsbesparende werktuigen die de afgelopen twee eeuwen geïntroduceerd werden op het Friese platteland. ,,It is wat út ’e hân rûn”, verklaart Dijkstra met gevoel voor understatement.

Fabrieken vooral op akkerbouw gericht

Toch heeft hij ook een afbakening gemaakt. Hij heeft zich beperkt tot het eindstadium van een ontwikkeling. Dus daarom geen foto’s en beschrijvingen van hedendaagse pk-reuzen als de werking vrijwel identiek is aan die van de eerste versie. ,,Oars wie it echt net te behappen west.” Dijkstra wijst erop dat de totstandkoming van het boek mede mogelijk is gemaakt door meerdere fondsen in Fryslân. ,,Wy meie yn Fryslân grutsk wêze dat dy der binne. Oars kinne sokke projekten net realisearre wurde.’’

De auteur schat dat er in Friesland circa vierhonderd smederijen en handelsbedrijven actief zijn geweest bij de mechanisering van de landbouw. Van dit aantal groeiden er veertig uit tot fabrikant en daarvan zijn er heden ten dage nog acht actief. Het gaat om Dewulf in Winsum (voorheen Miedema), Bijlsma in Franeker, Wifo in Ferwert, Visser en Bos in Bolsward, Homburg in Stiens, Graafstra in Oosterwolde en Veenma (overname Ceres) in Dokkum.

Dijkstra, die opgroeide op een melkveebedrijf in Ryptsjerk, noemt het opvallend dat een groot deel van die fabrikanten nu vooral actief is voor de akkerbouw, ,,omdat Fryslân dochs foaral bekend is as greide- en suvelprovinsje.” De verklaring is volgens hem dat de Friese akkerbouw groot en gespecialiseerd is in de pootaardappelteelt. Fabrikanten met graslandwerktuigen dolven vaak het onderspit in de concurrentieslag met buitenlandse concerns.

Internationaal succesnummer

De Friese landbouw was geen voorloper op het gebied van mechanisatie. Introducties van nieuwe machines en werktuigen vonden vooral plaats in de rijkere landbouwgemeenschappen in Zeeland, Groningen en de Haarlemmermeer. ,,De lânbou yn ús provinsje wie minder kapitaalkrêftich. We hiene hjir in protte lytse boerebedriuwen en in protte pacht.”

Toch heeft de Friese landbouwmechanisatie de nodige successen geboekt. Zo waren de roodgele landbouwwagens van Miedema een begrip en was de blauwe hooischudder Eureka van de Firma I. van der Woude en Zonen in Kollumerpomp – en later Drachten – een internationaal succesnummer. In 1968 weren er 1300 geproduceerd die onder meer afgezet werden in Duitsland, Frankrijk, Denemarken en de Verenigde Staten. Een Duitstalige folder van de firma meldde in dat jaar dat Eureka met 25.000 exemplaren de meistgekaufte Trommelheuer Europas was.

Maar uiteindelijk kon het Drachtster bedrijf de razendsnelle ontwikkelingen in de landbouwmechanisatie en voerwinning – boeren schakelden onder meer over van hooi naar kuil – niet meer bijbenen. In 1980 ging de firma failliet en zagen de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij (NOM) en het ministerie van Economische Zaken geen heil in een doorstart.

Friese vindingen die blijvertjes werden

Meer blijvend succes had de snarenbedpootmachine van Abe Gerlsma uit Franeker. Deze machine is volgens Dijkstra een van de belangrijkste technische vindingen in de pootaardappelteelt. Innovatief was vooral dat de gekiemde piepers niet beschadigd konden raken tijdens het poten. Fabrikant Hendrik de Vries uit Sint Annaparochie bouwde in 1974 de eerste serie onder de merknaam Structural. In 1996 volgde de overname door Miedema en nog steeds worden machines met dit principe wereldwijd aan de man gebracht.

Ook de melkrobot, die steeds meer furore maakt in de melkveehouderij, is een Friese vinding. Hoofdinstructeur Rinke Oenema en docent Roelof Middel van de Praktijkschool in Oentsjerk experimenteerden begin jaren tachtig met een prototype om een koe volledig automatisch te melken. In 1985 werd deze melkautomaat live gepresenteerd tijdens een televisieuitzending van Brandpunt in de markt.

De patenten werden uiteindelijk verkocht aan Gascoigne Melotte in Emmeloord, dat uiteindelijk failliet ging door een desastreus verlopen buitenlands avontuur. De technologie inspireerde andere bedrijven om de melkrobot verder te ontwikkelen. Tegenwoordig wordt al op een derde van de melkveebedrijven in Nederland gemolken met robots. De installatie van Oenema en Middel is sinds 2010 te bezichtigen in het Fries Landbouwmuseum.

Niks nieuws onder de zon

Tien jaar speuren deed Dijkstra regelmatig glimlachen dat er eigenlijk niets nieuws onder de zon is. Neem de hedendaagse zorg in de landbouw over haar imago in de samenleving. Dit speelde ook al in 1912 bij de grote landbouwtentoonstelling in Leeuwarden ter gelegenheid van het 60-jarig jubileum van de Friese maatschappij van landbouw (Friese Mij).

Het doel was niet alleen om een overzicht te geven van de nieuwe mogelijkheden op het gebied van mechanisatie en de bestrijding van ziekten en plagen, maar ook ‘om de landbouw bij de burger in een positief daglicht te plaatsen’. Daarnaast werd er in 1933 al op gewezen dat machinaal maaien ten koste zou gaan van weidevogels en wild. Het toenmalige Boeke & Huidekoper speelde daarop in en kreeg nog datzelfde jaar een octrooi voor een wildverdrijver op een maaimachine.

Titel: 200 jaar Friese Landbouwmechanisatie . Auteur: Henk Dijkstra. Uitgever: Noordboek. Prijs: 49,90 euro (449 blz.).

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Agrarisch / Landbouw
Geschiedenis