LTO vreest aantasting gelijk speelveld in EU door nieuw Europees landbouwbeleid

Het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid kan de Nederlandse boeren in Europa op achterstand zetten, vreest LTO Nederland.

Aardappelen worden gepoot in de omgeving van Dongjum. In het nieuwe landbouwbeleid zullen akkerbouwers een deel van hun bouwland moeten inzetten voor niet-productieve doelen zoals landschapselementen

Aardappelen worden gepoot in de omgeving van Dongjum. In het nieuwe landbouwbeleid zullen akkerbouwers een deel van hun bouwland moeten inzetten voor niet-productieve doelen zoals landschapselementen Foto: niels de vries

De boerenorganisatie wijst op de ruimere mogelijkheden voor lidstaten om boeren meer of minder te steunen of om boeren al of niet extra eisen op te leggen. ,,De Europese Commissie zegt te waken voor een gelijk speelveld tussen de 10 miljoen boeren en tuinders in Europa. Daar zullen we ze aan houden maar we maken ons wel zorgen”, aldus voorzitter Sjaak van der Tak. Zo hebben LTO signalen bereikt dat landen als Frankrijk en Polen volop inzetten op het ondersteunen van hun boerenstand.

Akkoord over landbouw tot en met 2027

Het Europees Parlement en de Europese ministers van Landbouw bereikten de afgelopen dagen een akkoord over het nieuwe Europese landbouwbeleid dat in 2023 ingaat en loopt tot en met 2027. Vanaf nu tot het einde van die periode is er circa 270 miljard euro mee gemoeid. Voor Nederlandse boeren is jaarlijks 717 miljoen euro beschikbaar. Deze zogenaamde pijler 1 wordt verrekend per hectare landbouwgrond. Die komt uit op gemiddeld 409 euro per hectare. Daarnaast is er jaarlijks circa 75 miljoen euro beschikbaar voor plattelandsbeleid. Dit laatste betreft vooral agrarisch natuurbebeer.

De bedragen zijn wederom lager dan in voorgaande periodes, al helemaal als de inflatiecorrectie erop losgelaten wordt. In 2014 kregen Nederlandse boeren en tuinders nog ruim 800 miljoen euro. De verlaging past in het Brusselse streven om de hectaresteun uniformer te maken in Europa. Dat betekent dat boeren in Oost-Europa meer geld overgeboekt krijgen en die in West-Europa minder.

Meer vrijheid lidstaten

Zoals gezegd krijgen lidstaten meer te zeggen over het hen toebedeelde geld. Zo mogen ze tot 42 procent van de hectarepremie voor de boer afromen en overhevelen naar het plattelandsbeleid. Van de hectarepremie die resteert na die overheveling moeten lidstaten minimaal 25 procent bestemmen voor zogenaamde eco-regelingen. Boeren kunnen dat geld weer terugverdienen als ze zich extra extra inspannen op het gebied van klimaat, biodiversiteit, landschap, water en bodem.

Ook aan de kale hectarepremie, gaat Brussel eisen stellen die verder gaan dan de huidige. Zo krijgen de boeren in veengebieden geen hectarepremie als hun bedrijfsvoering ten koste gaat van het veenweidegebied. Het landbouwministerie broedt op speciaal beleid voor het veenweiden met extra voorwaarden en een hogere hectaretoeslag. Daarnaast moeten boeren spuit- en bemestingsvrije zones in acht nemen en moeten akkerbouwers een deel van hun bouwland inzetten voor niet-productieve doelen zoals landschapselementen.

Vruchtbare grond uit de productie

Ook met dit laatste heeft LTO Nederland grote moeite. ,,Want dit betekent dat we vruchtbare, dure landbouwgrond uit productie moeten halen. Dit is voor ons niet acceptabel”, stelt Van der Tak.

Lidstaten krijgen dit jaar de tijd om een nationaal strategisch plan vast te stellen. Daarin staat hoe een land het Brusselse geld gaat verdelen en of de eco-regelingen wel echt zoden aan de dijk zetten. De Europese Commissie moet deze plannen goed keuren.

Ondanks de kritiek telt LTO ook haar zegeningen. Het akkoord is een stuk realistischer dan eerdere voorstellen, aldus Van der Tak.

Natuurorganisaties: Ondermaats

Milieu- en natuurorganisaties en een politieke partij als Groenlinks noemen het nieuwe Gemeenschappelijke landbouwbeleid ondermaats. Het zou boeren en tuinders in het geheel niet motiveren of dwingen om milieu- en klimaatvriendelijker te werk te gaan.

Demissionair landbouwminister Carola Schouten had ook liever gezien dat een groter deel van de Europese landbouwsubsidies was ingezet voor verduurzaming. ,,We wilden 30 procent bestemmen voor de eco-regelingen. Maar dat zat er niet in. Het is een kwart geworden en dat is in ieder geval een verbetering ten opzichte van de huidige situatie.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Landbouw