Kleine Friese tuinders leren over de vitaliteit van hun bodem

Friese bedrijven met zacht fruit en groenten lieten zich het afgelopen jaar bijspijkeren over de vitaliteit van hun bodem. Een belangrijke les: eenzijdig bemesten benadeelt de bodemvruchtbaarheid met alle gevolgen van dien.

Louw Hoekstra geeft uitleg over de bodem op Fruithof de Struikrover in Oldeholtpade.

Louw Hoekstra geeft uitleg over de bodem op Fruithof de Struikrover in Oldeholtpade. FOTO RENS HOOYENGA

Een project over een vitale bodem voor telers en tuinders met kleinschalige en overwegend biologische bedrijven. Heeft dat nut? Deze agrariërs maken immers geen gebruik van zware machines die de grondstructuur aantasten en ook niet van kunstmest die het bodemleven verarmt.

,,Dat heeft zeker nut”, verklaren foeragehandelaar Theo Mulder en de agro-adviseurs Johannes Bakker en Louw Hoekstra. ,,Ook op bedrijven waar al tientallen jaren biologisch geboerd wordt, treffen we land aan waar het bodemleven niet meer gezond is.”

Plantsapmetingen

Het drietal wist tien Friese ondernemers met zacht fruit en kleinschalige groenteteelt te overtuigen van de noodzaak om mee te doen aan het project Vitale Friese bodem. Ook de Friese Milieufederatie deed mee en de initiatiefnemers kregen subsidie van onder meer de provincie en de Rabobank.

Bij alle bedrijven zijn gesprekken gevoerd over de teeltproblemen en zijn er bodemmonsters genomen en plantensapmetingen gedaan. De uitslagen werden woensdag gedeeld op een praktijkdag bij de deelnemers Ruben Abma van Fruithof de Struikrover in Oldeholtpade en Willem Teun Tel van tuinderij ’t Hummelhus in Oudehorne.

Tekort aan spoorelementen

Uit die monsters en metingen kwam naar voren dat alle bedrijven kampen met tekorten van enkele dan wel meerdere mineralen en sporenelementen. Het gaat onder meer om mangaan, koper, borium, zink, ijzer, magnesium, calcium en magnesium. Deze zijn essentieel voor de plantgezondheid, de houdbaarheid en de voedselrijkheid van gewassen.

De oorzaak is het feit dat er eigenlijk nooit aandacht voor geweest is, verklaart Hoekstra, die tot vorig jaar werkzaam was bij agro-handelsbedrijf Hoogland in Leeuwarden. ,,Bemesting is altijd gericht geweest op productie. Geef voldoende stikstof, fosfaat en kalium, zo is het ons altijd geleerd. Dat heeft Nederland geweldig opgepakt.” Om er cynisch aan toe te voegen: ,,We zijn succesvol geweest in het verkopen van water voor een hoge prijs.”

Gesteentemeel

Hoe die tekorten weer aan te vullen? Volgens Hoekstra is het een kwestie van niet eenzijdig bemesten. Ruige mest staat bekend als een ideale meststof, maar met alleen ruige mest verarmt de grond alsnog. ,,Dus is het zinvol om ook te kijken naar bijvoorbeeld gesteentemeel, lavameel of mestverrijkers.”

Boer wordt apotheker

Theo Mulder, die al vele decennia hamert op het belang van een gezonde bodem, sprak de hoop uit dat Bleu Blanc-Coeur ook in Nederland navolging krijgt. Deze snel groeiende Franse voedselleverancier betaalt boeren uit op basis van de gehaltes micro-nutriënten in hun product.

Het doel is om de voedingskwaliteit van voedsel te verbeteren zodat dit de gezondheid van mens, dier en aarde ten goede komt. ,,Die kant moet het in Nederland ook op. Naast voedselproducent wordt de boer dan ook apotheker. Daardoor gaan de kosten voor volksgezondheid lager uitvallen. Daar is jaarlijks al 105 miljard euro mee gemoeid.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie