De bandjes zijn aardig, het toilet van Vindicat een hel, de Grote Markt bar koud. Muziekexpert Jacob Haagsma praat je bij over Eurosonic

Jacob Haagsma. Foto: Annet Eveleens

Muziekredacteur Jacob Haagsma maakt wat mee in de pop en wijde omstreken. Deze week maakt hij zich druk op festival Eurosonic Noorderslag, in Groningen.
Lees meer over
Muziek

En, Jacob, hoe doorsta je festival en conferentie tot nu toe?

Gaat best goed, hoor, Gister, donderdag dus, eindelijk mijn eerste bandjes gezien, want dat kwam er woensdag niet zo van. Mijn avond begon een beetje met een valse start, trouwens.

Valse zang?

Nee, dat komt nog. Ik schoof aan bij Rori, of eigenlijk moet je RORI zeggen, in de voorkamer van Huize Maas. Jonge Belgische zangeres, nou leuk. Maar goed, ze begon te zingen, maar daar hoorde je dus niks van. Eigenlijk kwamen er alleen wat droge drumklappen van die kant, in een raar dof geluid. Nu stond ik naast de geluidsman achter zijn mengtafel met ontelbaar veel knoppen, en die stond al wat paniekerig in een microfoon te blaten. Ik zag een bezoeker pal voor de mengtafel, kennelijk met de bedoeling om de geluidsman in kwestie bij te praten over dit geluidstechnisch drama. Maar ja, die man heeft zelf ook oren aan zijn hoofd denk je dan. Het kwam allemaal toch nog goed, Rori speelde dat eerste liedje nog een keer en dat was de opmaat tot een vrolijk setje springerige, hiphop-gerelateerde liedjes.

Maar niet De Ontdekking Van 2023 zeker?

Nee helaas. Onder ruim 300 doorgaans kraakverse bands uit alle hoeken van Europa , waar je verder ook nooit wat van hoort, is het lastig zoeken naar zulke spelden, ben ik bang. Maar omdat we de beroerdste niet zijn trok ik vervolgens naar Vera, voor Shanghai Baby uit Madrid, jawel, focusland Spanje dus. Ik was een beetje bang voor de rijen, die voor Groningens beroemdste popzaal soms tot halverwege de Oosterstraat reiken, maar de zaal was uiteindelijk nog niet half gevuld. Shanghai Baby leverde vrolijke garagerock-achtige liedjes en was dus wel op zijn plek in Vera, met zijn rijke historie op dat terrein. Frontvrouw - en ‘boss’, volgens de gitarist - Ade Martin is een charmant podiumtype en die liedjes prikkelden wel, maar soms dacht ik: die autotune, hè. Zo’n malle uitvinding is dat niet.

Ze zong dus vals.

Fijn dat je die toespeling nog even uitlegt. Goed, daarna dus maar naar de Grote Markt, het Air-podium. Daar sta je tegenwoordig onder dak, maar koud was het nog steeds. Het Nederlandse duo Weval leverde daar een pittige portie elektronische muziek, techno en alles. Heel goed, heel gelaagd, fraaie projecties en sterke 3d-effecten met rook en licht en alles, werkte live heel goed. Daarna stond daar Jungle By Night, ooit begonnen als piepjonge Fela Kuti-fans, maar die Afrobeat-roffels zijn intussen ingeruild voor meer elektronica.

Dansen dus. Kon je dat wel aan met je beenblessure ?

Nauiwelijks, dus dan maar naar Terzij De Horde. Nederlandse black metal. In Mutua Fides, ofwel het clubhuis van studentencorps Vindicat. Even een welgemeende waarschuwing: ga niet naar het toilet in Mutua Fides. Dat is de hel, de onderwereld, een poel van kwalijk riekende dampen en substanties. Het naarste van het naarste.

Past wel bij black metal, toch?

Zo had ik het nog niet bekeken. Los daarvan: Terzij De Horde is een waarlijk indrukwekkende band, die een mooie eigen draai geeft aan het idioom in lange, zuigende nummers. Frontman Joost Vervoort is in die rol imposant: een meeslepende brulstem, dwingende gebaren, je blijft ernaar kijken. Hij is trouwens eigenlijk Dr. Joost Vervoort, lector in innovatie en duurzaamheid. Nou jij weer.

Ik sta paf. Met wat voor soort mensen sta jij daar nou naar te kijken?

Ik trof er Marcel Mandos, artistiek leider van het Noord Nederlands Orkest, en dat zag ik niet aankomen. Hij was meegesleept door zijn vrouw, die meer thuis is in deze extreme muziek. Hij vond het mooi, geloof ik. Maar of ik in zijn ooghoek nou een toekomstige samenwerking tussen zijn orkest en dit combo zag glinsteren, ik weet het niet zeker.

Nog iets opgestoken bij de conferentie?

Nou, ik kwam er pas na gedane zaken achter dat de hamburgers bij de borrel van auteursrechtenorganisatie BumaStemra van vegetarische komaf waren. Ik vond ze al wat smakeloos en ik hou niet zo van eten dat zich anders voordoet dan het is, magoed, de bijbehorende tequila smaakte me weer wel prima. Verder was er nog een panel over hoe de popsector toekomstbestendig kan worden gemaakt.

Ook qua geld zeker.

Goed gezien. Pop is natuurlijk een van de belangrijkste kunstvormen, maar komt er in het subsidiebestel wat karig af. Iemand deed wat moeilijk over klassieke orkesten en waarom elke regio nou zo nodig zijn eigen strijkje moet hebben. Dat heb ik ‘s avonds maar niet doorverteld aan Marcel Mandos van het NNO, destijds immers ontstaan uit een nogal pijnlijke fusie van een Fries en een Gronings orkest.

Het werd wel leuk toen Geert van Itallie, directeur van Paradiso in Amsterdam, en Eric van Eerdenburg, directeur van het Lowlands-festival maar eigenlijk uit Roden, elkaar in de haren vlogen. Van Eerdenburg miste de energie van aanstormende jonge honden in de gevestigde poppodia, waarna Van Itallie stelde dat Van Eerdenburg veel te weinig in zijn eigen Paradiso-tent kwam.

Bianca Pander , lang zakelijk leider van het Leeuwarder festival Welcome To The Village, wees erop dat er wel erg veel geld is gaan zitten in de stenen, maar dat bijvoorbeeld het vrij nieuwe popcentrum Neushoorn in datzelfde Leeuwarden maar heel weinig manouvreerruimte heeft om echt spannende dingen te doen. Na ja, van die dingen. Vanavond wordt het vast weer gezellig, bijvoorbeeld met Robin Kester in de Machinefabriek.

Hoe’st met de kater?

Valt reuze mee, hoor. Waar ligt de aspirine?

Nieuws

menu