Cultuurfilosoof Jan Drost weet alles over de liefde (en kan vertellen waarom liefde en verliefdheid niet hetzelfde zijn)

Jan Drost is cultuurfilosoof gespecialiseerd in de liefde. Op Valentijsdag leggen we hem vijf thema’s voor: verliefdheid, jaloezie, seks, liefdesverdriet en de ware. Bij de eerste gaat het al bijna mis. „Mijn hoofd ontploft meteen van de zijwegen.”

Jan Drost: ,,Verliefdheid is voor een deel projectie. Een ideaalbeeld dat we op die ander projecteren. Een droom. We richten al onze lichten op die persoon. Wat daarbuiten ligt, doet er eigenlijk niet meer toe en de eigenschappen die niet passen binnen ons ideaalbeeld zien we over het hoofd.''

Jan Drost: ,,Verliefdheid is voor een deel projectie. Een ideaalbeeld dat we op die ander projecteren. Een droom. We richten al onze lichten op die persoon. Wat daarbuiten ligt, doet er eigenlijk niet meer toe en de eigenschappen die niet passen binnen ons ideaalbeeld zien we over het hoofd.'' Foto: Ella Tilgenkamp

Hoe lang duurt liefdesverdriet? Bestaat de ware? Hoe weet je of het echte liefde is? En zijn mensen van nature nou wel of niet monogaam? In zijn nieuwste boek Waarom is het dat de liefde zo is, geeft filosoof Jan Drost antwoord op zestig vragen over de liefde. Kort en helder. Want zoals Nietzsche het zei: ’Iets wat bondig gezegd wordt, kan de vrucht en oogst van vele lange overdenkingen zijn.’ Dat blijkt wanneer Drost over zijn favoriete thema praat. „De liefde is een onderwerp dat zo diep gaat. Het zit met al zijn tentakels vast aan al het andere.”

Verliefdheid is niet hetzelfde als liefde

De liefde begint meestal met vlinders. Maar wat is verliefdheid nou precies? „Ik vind het mooi dat we in het Nederlands aparte woorden hebben voor verliefdheid en liefde”, stelt Drost. „Daar zit een culturele wijsheid in, die in veel andere talen niet terug is te zien. Wij maken onderscheid. Een vriendin van me datete ooit met een Amerikaan die na drie dates ’I love you’ zei. ’Maar je kent me niet eens!’, was haar reactie. Je moet veel te bieden hebben, wil een Nederlander na drie dates al zeggen dat hij van je houdt.”

Als verliefdheid niet hetzelfde is als liefde, wat is het dan wel? „Na drie dates kunnen we wel degelijk vreselijk verliefd zijn. Dat komt onder meer omdat verliefdheid voor een deel projectie is. Een ideaalbeeld dat we op die ander projecteren. Een droom. We richten al onze lichten op die persoon. Wat daarbuiten ligt, doet er eigenlijk niet meer toe en de eigenschappen die niet passen binnen ons ideaalbeeld zien we over het hoofd. Het is een soort verrukkelijke waanzin. Maar dat is niet het hele verhaal. We worden immers niet zomaar op iedereen verliefd. We merken wel degelijk iets op in die ander, dat we in anderen niet zien. Achteraf romantiseren we dat graag. Dan zeggen we dat we meteen wisten dat die persoon de ware was. Maar er gebeurt wel iets waardoor we voor die ene persoon vallen.”

In Het romantisch misverstand s chreef Drost ook over verliefdheid. „Daarin plaats ik het perspectief waarbij we in de ander zien wat we graag willen zien, onder meer naast het biologische perspectief. Ik heb niet zo veel met de voortplantingsdrift als verklaring voor verliefdheid, maar je kunt het ook niet ontkennen. Sterker, soms is een verliefdheid toch eigenlijk vooral voortplantingsenthousiasme. Het kan zinvol zijn je af te vragen of je het verschil herkent.”

Hier komen de filosofen om de hoek. „Als je meer perspectieven hebt, ga je meer zien. Schopenhauer bijvoorbeeld werkte in de 19e eeuw dat biologische perspectief uit en stelde daar ook morele vragen bij. Hij is daar vrij somber in, overigens. Verliefdheid is gedoemd te mislukken, omdat we worden gedreven door onze biologie. Maar zo’n perspectief kan wel helpen bij de vraag of je echt verliefd bent.”

Met Schopenhauer kun je wellicht ellende voorkomen, toont Drost aan. „In Het romantisch misverstand zit bijvoorbeeld een stuk over ontrouw. ’Hoe niet vreemd te gaan met Schopenhauer.’ Als je een neiging hebt tot ontrouw, kan het helpen om zijn werk te lezen en het genot van de korte termijn af te wegen tegen de spijt op de lange.”

Filosofie probeert je inzicht te geven in wat je voelt

Onlangs verscheen Waarom is het dat de liefde zo is , een bundel vragen en antwoorden over de liefde. Ze verschenen eerder als column in het AD. „Toen het AD me vroeg over de liefde te schrijven, vond ik dat meteen leuk. Niet een psycholoog of een seksuoloog, maar een filosoof. Het is voor mij heel vertrouwd om vanuit de filosofie naar gevoelens te kijken, heel verfrissend ook. Filosofie zal je gevoel nooit duiden als normaal of afwijkend. Het probeert je gewoon inzicht en een helpende hand te geven in wat je voelt.”

Daar zit wat Drost betreft meteen de hoop. „Liefde is een kluwen. Ons denken, ons lichaam, maar bijvoorbeeld ook onze geschiedenis spelen mee. In dat meest persoonlijke deel zit de mogelijkheid tot verandering. Je biologie staat vast. We maken allemaal stofjes aan en je genen kun je niet veranderen.”

,,Maar je kunt wel nadenken over wie je bent in de liefde door te reflecteren op je ervaringen. Bijvoorbeeld die uit je jeugd.”

Drost geeft onmiddellijk toe hoe eng dat is. „Kant zegt niet voor niks: ’Durf te denken’. Maar als je durft, kun je ervan leren.”

Betekent dat dat je met toegepaste filosofie nooit meer je hart breekt? „Nee, het maakt je niet minder kwetsbaar en je kunt jezelf ook niet herschrijven. Maar je kunt wel dingen anders doen. Dat is moeilijk. Het kan een half leven duren om een idee los te laten. Mijn grote held Aristoteles liet zien dat een gelukkig leven een voltooid leven is. Dat is het pas op het eind. Het zou zonde zijn als je veel eerder al denkt dat je wel zo’n beetje klaar bent.”

Jaloezie kan iets liefs zijn

Terug naar de thema’s. Jaloezie nu. Want waar geliefd wordt, duikt het groene monster op.

Is jaloezie een slechte eigenschap? „Jaloezie is een toestand. Daar hoort vaak allerlei negatief gedrag bij, zoals appjes lezen, controleren waar iemand is en ruzie maken. Voor Filosofie Magazine heb ik eens een essay geschreven over de vraag of jaloezie ook positief kan zijn. En ook hier geldt de vraag: hoe kijk je ernaar? Puur biologisch en binnen een heteroseksuele relatie zou je het bij mannen bijvoorbeeld kunnen koppelen aan territoriumdrift. Een vrij agressieve, controlerende vorm, gericht op het beschermen van je nakomelingen.”

„Bij vrouwen zou het dan gaan om de zekerheid dat het mannetje niet weggaat. Maar zelfs als die verklaring hout snijdt, wat is dan het persoonlijke? Daar zie je vaak dat er angst onder zit om de ander kwijt te raken.”

,,Eigenlijk kan jaloezie iets liefs zijn, iets ontroerends. Je wil heel graag dat de ander in je leven blijft. Als je dat kunt zien en tegen elkaar kunt zeggen, is dat heel mooi. Dan krijgt het een heel andere betekenis en kun je wellicht voorkomen dat je precies veroorzaakt waar je bang voor bent.”

Is er iets te zeggen voor seksloze lifede?

Seks hoort erbij in een liefdesrelatie, anders kun je net zo goed vrienden zijn. Of is er iets te zeggen voor de seksloze liefde? „Bij lezingen vraag ik wel eens of mensen hun hand op willen steken als ze vinden dat seks kan bestaan zonder liefde. Dan gaan er veel handen de lucht in. Maar liefde zonder seks kunnen mensen zich veel moeilijker voorstellen. Ik heb wel seksuologen horen zeggen dat het een alarmbel is als er geen seks meer is. Dat is niet per se zo, denk ik, als je daar allebei gelukkig mee bent. Het getuigt van zelfkennis en moed als je het er met elkaar over kunt hebben en er tevreden mee kunt zijn, tegen de heersende norm in. Er wordt ook ontzettend veel gelogen over seks. We willen allemaal normaal zijn en aan het gemiddelde voldoen. We zeggen dus liever dat we twee keer in de week seks hebben dan toe te geven dat we die behoefte niet hebben. Ik geloof de cijfers dan ook eigenlijk nooit.”

„Voor veel mensen is seks wel belangrijk. Het is lekker, je wordt er blij van en het is een fantastische manier om met je lijf uitdrukking te geven aan je liefde. Liefde is een vervlechting met de ander, vaak ook lichamelijk. En ja, seks heeft ook een functie in het voortbrengen van nageslacht. Maar inmiddels zijn we meer cultuurwezens dan natuurwezens. Mede dankzij voorbehoedsmiddelen. Seks is omgeven door culturele opvattingen en uitingen. Dat is mooi. Juist waarin je je los kunt maken van je biologie zit vrijheid en in vrijheid zit moraal.”

Liefdesverdriet kan iets moois zijn

Drost schreef zijn derde boek Als de liefde voorbij is nadat zijn vriendin hem verliet. De liefdesfilosoof bekeek zijn eigen verdriet en liet er de grote denkers op los. Heeft hem dat geholpen? „Als mijn hart niet zo gebroken was geweest, had ik dat boek niet geschreven. Ik heb het zeker nodig gehad om het te verwerken en ervan te leren. Als het om liefdesverdriet gaat, hoor je vaak van die rekensommetjes. ’Liefdesverdriet duurt zolang als de helft van de relatie.’ Of ’een maand voor elk jaar dat je samen was’. We willen er grip op hebben. Maar het duurt gewoon zo lang als het duurt.”

„Mensen denken ook vaak dat mannen minder lang verdriet hebben dan vrouwen. Ook dat is niet zo. Maar kennelijk wordt dat wel verwacht. Een puber die dagenlang in zijn bed ligt heeft nog wel iets liefs. Maar een volwassen man… We moeten zelfredzaam zijn, de regie houden, zowel mannen als vrouwen. Als je dat strenge oordeel ook nog in jezelf hebt, kan het je behoorlijk in de weg zitten.”

Hij komt terug op het ’durven denken’ van Kant. „Als ik naar mijn eigen liefdesverdriet kijk, heb ik daar veel van geleerd door erover na te denken. Ik kan niet voorkomen dat ik ooit weer die pijn zal voelen. Vervlechting met een ander, betekent een soort amputatie als die liefde voorbijgaat. Maar ik zal mijn eigen verdriet niet meer veroordelen, hoop ik.” En in termen van de rekensommetjes: „Daarmee duurt het alleen maar langer.”

Drost durft zelfs te beweren dat liefdesverdriet iets moois kan zijn. „Het laat zien dat autonomie een leugen is. We zijn afhankelijk van anderen. Liefdesverdriet is de prijs die we betalen wanneer we ons echt voor elkaar hebben opengesteld. Als het ons iets leert is het dat we het hebben aangedurfd een mens te zijn.”

De ware

’Ze leefden nog lang en gelukkig.’ Het idee van die ene ware zit diep verankerd in ons idee van de liefde. Maar bestaat die wel? „We begonnen dit gesprek met het thema verliefdheid. Een ideaalbeeld. Met de ware is de cirkel rond. Of je ’de ware’ ontmoet hangt er namelijk van af in hoeverre je iemand tegenkomt die in dat ideaalbeeld past. In die zin bestaat de ware vooral in ons hoofd, en we zoeken die persoon in de buitenwereld. Maar dat is nogal wat: één kans op liefde. We vestigen al onze hoop op die ene persoon. Als we die niet vinden of erger nog, kwijtraken, zouden we nooit meer gelukkig kunnen zijn. Het kan bevrijdend zijn je een kind van je cultuur te weten. De kracht van het denken is je los te maken van deze cultureel bepaalde opvatting van de ware.”

Daarmee is de ware niet weggeredeneerd. „Ik geloof wel degelijk dat de ware bestaat, maar in de zin van de werkelijke. Niet degene van wie je droomt, niet dat ideaalbeeld waar eigenlijk niemand aan voldoet, maar degene die naast je op de bank zit.” Een manier om nog eens goed te kijken naar wat je hebt. „De ware is degene met wie je samen bent. En de ware liefde is de liefde die je leeft.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Boeken
Psyche
Aanrader van de redactie