Piet de Blaauw en Jan Pieter Tuinstra maken documentaire over Tweede Wereldoorlog: 'De Sobibor Tapes, de vergeten interviews van Jules Schelvis'

Op 14 oktober 1943 komt een groep gevangenen in vernietigingskamp Sobibor in opstand tegen de SS-bewakers. Historische interviews van ooggetuigen van de opstand werden door documentairemaker Piet de Blaauw (Nij Beets) en cameraman Jan Pieter Tuinstra (Buitenpost) gebruikt voor de documentaire. Tuinstra: „De machteleazens dy’t út de ferhalen sprekt – ik ha der wolris net fan sliepe kind.”

Documentairemaker Piet de Blaauw (links) en cameraman Jan Pieter Tuinstra maken in Sobibor opnames voor 'De Sobibor Tapes'.

Documentairemaker Piet de Blaauw (links) en cameraman Jan Pieter Tuinstra maken in Sobibor opnames voor 'De Sobibor Tapes'. Foto: Toto Kersten

Het is een rustige herfstdag als op 14 oktober 1943 in vernietigingskamp Sobibor ’s middags even na vier uur de pleuris uitbreekt. Om die tijd wordt waarnemend commandant SS-Untersturmführer Johann Niemann met een bijl de hersens ingeslagen.

Elders in het kamp worden door gevangenen nog eens vijftien bewakers gedood. Tot zover is het grote ontsnappingsplan, dat in het diepste geheim is voorbereid, gelukt.

Interviews Jules Schelvis

Uiteindelijk weet een onbekend aantal te ontsnappen. Twaalf overlevenden, ooggetuigen van het verzet, vertellen veertig jaar later hun verhaal aan Jules Schelvis (1921-2016). Die neemt de gesprekken op met een videocamera. En daar blijft het dan bij. Documentairemaker Piet de Blaauw en cameraman Jan Pieter Tuinstra hebben de achttien uur aan beeldmateriaal opgediept uit het archief van het NIOD. ,,It wie in ferhaal dat ik altyd noch alris fertelle woe. Wat eins ek ferteld wurde moat”, zegt De Blaauw. De verhalen vormen de basis voor de documentaire De Sobibor Tapes , de vergeten interviews van Jules Schelvis die De Blaauw en Tuinstra hebben gemaakt.

De Blaauw kende Schelvis via zijn werk bij destijds actualiteitenrubriek NCRV Netwerk. Hij interviewde hem meermaals. Tijdens die gesprekken ging het ook een enkele keer over de opstand van gevangenen in Sobibor. Schelvis sprak in de jaren tachtig twaalf getuigen en filmde hun relaas. ,,Hy frege my in jier as tolve lyn om der wat mei te dwaan, om dit ferhaal fan Sobibor te fertellen. Spitigernôch krige ik gjin romte fan myn baas”, zegt De Blaauw.

Zeven kampen

Samen met zijn vrouw Rachel werd Jules Schelvis in 1943 op transport naar Sobibor gezet. Ze dachten dat ze er te werk zouden worden gesteld. Maar na aankomst op het treinstation werd het echtpaar van elkaar gescheiden. Zij werd diezelfde dag nog vergast, hij werd na een verblijf van twee uur naar een ander kamp getransporteerd.

Schelvis overleefde zeven kampen. Eenmaal terug in Nederland maakte hij het zijn missie om te vertellen over de gruwelijke daden die de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog in de kampen, en specifiek in Sobibor, hadden begaan.

Waardevolle getuigenissen

De getuigenissen die Schelvis vastlegde zijn om meerdere redenen waardevol, zeggen De Blaauw en Tuinstra. ,,Der is neat mear oer fan it kamp. Fuortendaliks nei de opstân, ha de Dútsers it kamp ferneatigje. Sy skammen harren foar wat der bard wie”, zegt De Blaauw. Bovendien, de verhalen zijn uit de eerste hand. De mensen vertellen rechtuit in de camera wat ze destijds hebben meegemaakt in het kamp. ,,Sy bin ek op harren gemak. Dat is ek net sa frjemd want Jules wie ien fan harren. Ek al hie hy mar in pear oerkes yn it kamp west.” Tuinstra: ,,Safolle tsjûgen dy’t wat fertelle oer itselde barren, dat makket it ferhaal hiel krêftich.”

Schelvis heeft de mensen begin jaren tachtig gesproken. Hij trof ze in het West-Duitse Hagen. Daar vond in die tijd het proces plaats tegen de kampbeul Karl Frenzel. De gepensioneerde Schelvis woonde de zaak bij en schreef er voor dagblad Het Vrije Volk verhalen over.

Sobibor met de grond gelijk gemaakt

Het was eigenlijk niet de bedoeling dat de wereld zou weten wat er in Sobibor gebeurde. Het kamp lag verscholen in de bossen en was door de Duitsers opgezet om voornamelijk Joden te vernietigen. In de anderhalf jaar tijd dat het kamp bestond, kwamen er zo’n 170.000 mensen om, onder wie rond de 34.000 Nederlanders. En als er op 14 oktober 1943 geen opstand was uitgebroken, zouden dat er vele duizenden meer zijn geweest.

De Duitsers waren furieus. Zij lieten meteen na de opstand het kamp met de grond gelijk maken. ,,Van het kamp is niets over, alleen de tapes zijn nog het bewijs dat er een opstand is geweest”, zegt historicus Johannes Houwink ten Cate van het NIOD in de documentaire. De originele videobanden van Schelvis zijn bij het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies ondertiteld en worden er bewaard.

De opstand werd geleid door een Joodse militair van het Russische leger die door de nazi’s gevangen was genomen. Deze Alexander Petsjerski (1909-1990) had er, vertelde hij Schelvis, weinig vertrouwen in dat het plan dat hij had bedacht, succesvol zou zijn. Uiteindelijk probeerden van de 600 nog levende gevangenen er circa 400 te vluchten. Veel van hen werden tijdens hun vluchtpoging doodgeschoten of gedood door de mijnen die rond het kamp lagen.

‘De machteleazens dy’t út de ferhalen sprekt – ik ha der wolris net fan sliepe kind’

De Blaauw en Tuinstra hebben er bewust voor gekozen om de overlevenden hun verhaal te laten vertellen. De interviews zijn zo gemonteerd, dat er een chronologisch verhaal is ontstaan. De ooggetuigen vertellen over stapels kleding die ze moesten vernietigen, over kinderwagens waarvan de kussentjes nog warm was. Over zieken en kinderen die niet konden lopen en daarom op karren werden gegooid en zo de open vuren in werden gereden. Of over naakte mannen, vrouwen en kinderen die het vuur in werden gejaagd. En over hoe de moeders schreeuwden naar hun kinderen. ,,Dat docht wol wat mei dy. De machteleazens dy’t út de ferhalen sprekt – ik ha der wolris net fan sliepe kind”, bekent Tuinstra. Waarom millenials nog naar dit verhaal moeten kijken?, vroeg een jonge verslaggever aan De Blaauw. ,,It antysemitisme is noch hieltyd net de kop yndrukt”, was zijn antwoord.

En hoewel er niets meer van het kamp is te zien, zijn ze een paar maanden geleden toch naar Sobibor geweest om er te filmen. Er ligt nog een deel van de spoorlijn en er is nog een perron waar de gevangenen arriveerden. ,,Der stien beammen op it plak fan it kamp. Dêr delsetten troch de Dútsers. Tûzenen beammen. Der leinen ek in pear om. Ik ha de ringen teld, it binne der 77.”


De Sobibor Tapes, de vergeten interviews van Jules Schelvis wordt woensdag 27 januari tijdens de Internationale Herdenkingsdag van de Slachtoffers van de Holocaust op NPO 2 uitgezonden. Of kijk de aflevering hier terug via npo start.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
Tweede Wereldoorlog